Weven is een van de oudst bekende technieken voor het maken van een lap stof. Het basisprincipe van weven is, heel eenvoudig gesteld, als volgt: een aantal draden wordt op een raamwerk gespannen. Deze draden noemen we de ketting- of scheringdraden, kortweg de schering of ketting, het raamwerk is het weefraam of weefgetouw.
De draad die door de ketting geweven wordt, heet de inslagdraad of inslag. De inslagdraden lopen van de ene zijkant van de stof naar de andere kant, in de breedterichting dus, de kettingdraden lopen in de lengterichting. Op onderstaande afbeelding ( tek. 1.) loopt de ketting van onder naar boven en de inslag van links naar rechts of rechts naar links.

tekening1Tekening 1

In de loop der tijden is in het basisprincipe van weven weinig veranderd, het weefgetouw daarentegen heeft een behoorlijke ontwikkeling doorgemaakt.

Wanneer er voor het eerst werd geweven en hoe het eerste weefgetouw eruit heeft gezien, is niet precies bekend. Een van de oudste afbeeldingen van een eenvoudig weefgetouw is te zien op een aardewerk schaal uit Egypte. Het betreft hier een schaal die gedateerd is op ongeveer 4400 v. Chr.. De schaal is gevonden in de graftombe van een vrouw Het afgebeelde weefgetouw is een horizontaal getouw (tek. 2).

De geschiedenis van getouwweven en weefgetouwen in vogelvlucht_html_m2462671f

Tekening 2

Een heel ander type getouw dat vooral in Europa bekend was, is het gewichtengetouw., een verticaal weefgetouw. Bij dit type getouw worden de kettingdraden op spanning gebracht door weefgewichten aan bundeltjes kettingdraden vast te maken (tek. 3 ). De weefgewichten konden gemaakt zijn van steen of van aardewerk .

tekening3

Tekening 3

Mogelijk gebruikte men in het allereerste begin aan de bovenkant een boomtak in plaats van een dikke stok ( tek. 4 ).

Van de eerste gewichtengetouwen is vrijwel niets teruggevonden, het materiaal is in de loop der tijden volledig vergaan. Alleen door bijzondere omstandigheden kunnen materialen als hout, textiel, planten- en dierenvezels bewaard blijven, het materiaal wordt dan als het ware geconserveerd. De beste omstandigheid voor conservering is droog woestijnzand. De belangrijkste textielvondsten zijn dan ook afkomstig uit woestijngebieden in Egypte. Het oudst bekende textiel ( ca. 12.000 jaar oud ) is gevonden in droge gebieden Peru.

De geschiedenis van getouwweven en weefgetouwen in vogelvlucht_html_242b9eea

Tekening 4

Overblijfselen die wél zijn gevonden, zijn de weefgewichten. Weefgewichten kennen we ook van vondsten in Nederland (o.a. Uit Ezinge, Haren, Emmen ).

Op een gewichtengetouw is het mogelijk langere weefsels te maken dan het getouw hoog is. Het teveel aan lengte van de ketting kan rond de gewichten worden gewikkeld, het weefsel kan op de bovenste stok worden gerold ( de stok die op de zijbalken rust ).

tekening5

Tekening 5

Op een gegeven moment in de geschiedenis is er sprake van hulpmiddelen waarmee de ketting in twee helften wordt verdeeld, namelijk een helft even- en een helft oneven draden. Aan iedere helft afzonderlijk komen weefgewichten te hangen. Door middel van dit systeem kunnen de even of oneven draden beurtelings in één keer naar voren of naar boven worden gehaald, wat uiteraard veel sneller werkt dan de inslagdraad een-op-en-een-neer door de kettingdraden te weven ( tek. 5 ).

De geschiedenis van getouwweven en weefgetouwen in vogelvlucht_html_m550dc19a
Tekening 6

In de dertiende eeuw worden weefgetouwen voorzien van trappers of pedalen. Het gaat dan om rechthoekige, houten constructies van palen waarop horizontale stokken/palen rusten. Op deze weefgetouwen is het nog sneller en comfortabeler werken ( tek. 6 ).

Hoewel er tegenwoordig gecompliceerde getouwen, waaronder computergestuurde, in de handel zijn, is het nog steeds mogelijk om ook op eenvoudige weefgetouw bijzondere stoffen te maken

Yvonne Ording
Eenrum, 2015

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.