Door Bertus Liewes

Ruilverkaveling.
In de 50er jaren van de vorige eeuw vond in Borger en omstreken een zogenaamde proefsaneringruilverkaveling plaats. De sanering van landbouwbedrijven was een onderdeel van de ruilverkaveling. ‘Zij wonen in de sanering’ is nog een begrip in Borger. Men was tot de ontdekking gekomen dat het niet meer lonend was een boerderij te runnen met weinig hectares. Bovendien lagen de landerijen vaak erg verspreid waardoor de boer veel reistijd ‘kwijt’ was. Het gevolg was dat veel boeren uit de plaats Borger trokken. Een aantal gingen in de zogenaamde sanering (o.a. Strengenweg) wonen. De landerijen werden in grotere porties (ongeveer 14 hectares) verdeeld en de boerderij werd bij het land gebouwd. Een aantal boerenfamilies vertrokken o.a. naar de Noord Oost Polder om daar hun geluk te beproeven en een aantal werden uitgekocht.
Dit leidde er toe dat veel boerderijen in de plaats Borger aan de landbouw werden onttrokken. Ze werden afgebroken of kregen een andere bestemming.
Het bestuur van VVV en de Ondernemersvereniging zagen dit met lede ogen aan en besloten een boerderij te behouden van de slopershamer. Hun oog viel op Hoofdstraat 3. De familie Jager ‘boerde’ op deze boerderij maar besloot uit de plaats Borger naar de Strengenweg te vertrekken. Hier kregen ze een boerderij, die in de beginjaren dienst deed als ‘voorlichtingsboerderij’.
Het gemeentebestuur was erg enthousiast over de plannen betreffende de boerderij, Hoofdstraat 3, maar stelde wel als voorwaarde dat er een stichting opgericht zou moeten worden om de boerderij te beheren. Zo ontstond op 13 november 1959 de Stichting Oud Borger

Hunebedboerderij.
Met vereende krachten werd de boerderij opgeknapt en ingericht als een oudheidskamer. De hele regio werd afgestruind naar voorwerpen die in de oudheidskamer van zo’n 100 jaar geleden pasten. Het bestuur kreeg de gedachte om op de deel een permanente tentoonstelling over hunebedden in te richten. ‘Een gemeente waar zoveel hunebedden te bewonderen zijn, moet’ – volgens het bestuur – ‘een plek hebben waar het publiek informatie kan krijgen over de prehistorische bouwsels’.

cafe'6
Hunebedtentoonstelling

Het gebouw kreeg de naam: ’t Flint’nhoes. Op 30 juni 1967 ging de deur voor het publiek open. Hans Heyting en zijn vrouw Wil kregen in het gebouw woonruimte en traden op als beheerder van de boerderij.
Negen dagen later sloeg het noodlot toe. ’s Morgens brak – waarschijnlijk veroorzaakt door hooibroei – brand uit bij de buren. (Hoofdstraat 1) Het vuur sloeg over op het hunebedmuseum. Het gebouw werd flinke schade toegebracht. Gelukkig werd veel inventaris van het interieur en onderdelen van de exposities gespaard. Echter veel privé-spullen van de radioman, schrijver en schilder Hans Heyting, die op de zolder lagen, zijn in vlammen opgegaan. Voortvarend werd de herbouw ter hand genomen.

cafe'5
Oudheidskamer

Bewonderenswaardig was dat, negen maanden later op 11 april 1968 de deur weer voor ‘t publiek open ging. Inmiddels waren de heer en mevrouw Veeninga de beheerders van de museumboerderij. Het museum werd goed bezocht. Het bestuur besloot om naast de permanente exposities ook tijdelijke tentoonstellingen in te richten.
In mei 1980 waren er schilderijen van An Koopmans te zien en een tentoonstelling over 1940-1945. In de nacht van 3 op 4 mei van dat jaar sloeg opnieuw het noodlot toe. Het gebouw raakte opnieuw in de brand en nu wel zodanig dat er weinig van overbleef. Triest voor alle betrokkenen, vooral ook omdat uniek materiaal uit de permanente en tijdelijke exposities verdwenen en bovenal de positie van de beheerdersfamilie die in één klap al hun bezittingen kwijt waren.

Nieuwbouw?
Het bestuur ging niet bij de pakken neerzitten. Op de tekentafel werden ontwerpen gemaakt om een nieuw museum te bouwen. Er werd gekeken of het mogelijk was om de schaapskooi aan de Hunebedstraat via een ‘sluis’ met het te bouwen museum te verbinden. Er deed zich echter plotseling een kans voor om het armenwerkhuis aan de Bronnegerstraat te kopen.

café4
Armenwerkhuis van Borger

Een gebouw dat dicht bij het grote hunebed van Borger staat. Een uitgelezen kans. Het bestuur had namelijk de beslissing genomen dat de Stichting Oud Borger zich alleen bezig zou houden met de prehistorie. De buurt stelde wel als voorwaarde dat er een oplossing zou moeten komen voor overlast van auto’s.

cafe'3
’t Flint’nhoes

Vandaar dat het hunebedinformatiecentrum (’t Flint’nhoes) eerst een grote parkeerplaats kreeg achter het gebouw en daarna vonden de nodige verbouwingen plaats en kon worden begonnen met de inrichting. Een noodtentoonstelling over hunebedden in de dichtgemaakte kapschuur zorgde meteen voor veel bezoekers. In 1984 werd na een gedegen vaste tentoonstelling de naam ‘Nationaal Hunebedden Informatiecentrum’ gebruikt.

café2
Prins Willem Alexander opent het vernieuwde NHI.

Stichting Oud Borger wordt Stichting Borger, Prehistorisch Hart van Nederland.
Omdat de naam Stichting Oud Borger de lading niet meer dekte is besloten in 2001 dat de naam gewijzigd moest worden. Er werd besloten de naam: Stichting Borger, Prehistorisch Hart van Nederland, aan de nemen.

Na diverse uitbreidingen van het armenwerkhuis werd besloten om de expositie opnieuw op te zetten in een nieuw gebouw en in moderne, attractieve uitvoering. De bekende architecten Aldo en Annie van Eijck waren bereid om het gebouw te ontwerpen. Het uiterlijk van Saksische boerderijen hebben model gestaan voor het centrum. Deskundigen op het gebied van de prehistorie, in het bijzonder de nieuwe steentijd, de tijd van de hunebedbouwers, werden ingeschakeld om de expositie van een wetenschappelijk verantwoorde inrichting te voorzien. Het werd een expositie van lezen over, kijken naar, voelen en ruiken aan de fascinerende wereld van de hunebedbouwers. Op 25 mei 2005 werd het Hunebedcentrum officieel geopend door prinses Margriet.

In de jaren daarna werd op het buitenterrein een steentijdhuis gebouwd,  een keientuin, een expositie over ijstijden en prehistorie in het kader van UNESCO Geopark de Hondsrug en het Oertijdpark. Het Oertijdpark is het openluchtmuseum waar men een wandeling kan maken door 150.000 jaar geschiedenis van het Hondsruggebied. Op het terrein zijn onder andere prehistorische huizen te zien uit de steentijd, bronstijd en ijzertijd.

cafe1
Overzichtsfoto van het terrein van het Hunebedcentrum. Te zien is het museum, het bosje met daarin het grootste hunebed van Nederland (D27), de keientuin, het kantorengedeelte met daarin de expositie over ijstijden en prehistorie van het Hondsruggebied en het Oertijdpark.
Vorig artikelHunebednieuwscafe binnen een jaar al meer dan 100 artikelen
Volgend artikelDrouwen met andere ogen: ijstijden, hunebedden en grafheuvels

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.