eik
Eik

Van het geslacht Eik (Quercus) kennen we zo’n 600 soorten loofbomen. In Nederland kennen we de wintereik en de zomereik naast de exoot de Amerikaanse eik. Als we het in Nederland hebben over de eik, bedoelen we de zomereik. Zo’n 5 procent van de eiken in de natuur is een wintereik. Door muizen, gaaien en eekhoorns verspreiden de eikels zich en kan een eikel op een nieuwe plaats tot een boom uitgroeien.

Zomereik met eikels.

Zomereik

De zomereik (Quercus robur) komt het meest voor in Nederland en de boom heeft na de laatste ijstijd vanuit het zuiden van Europa zich verspreid naar het noorden en ook Nederland bereikt. De vorm van de eik kan heel verschillend zijn, maar de boom kan wel 40 meter lang worden. De eikels zijn 2-3 cm groot.

Eik met kenmerkende bladeren.

Het verschil tussen de zomereik en de wintereik

Bij wintereik is de vorm slanker, rechter, vertakking is minder kronkelig en hoekig en de kroon is regelmatiger en geslotener. De bladeren van de wintereik zijn regelmatiger van vorm en zijn elkaars spiegelbeeld. De bladeren zijn donkerder en harder dan bij de zomereik. De napjes van de eikels bij de zomereik staan op een steeltje en bij de wintereik niet of de steel is erg kort. De eikels zijn kleiner, namelijk van anderhalve tot tweeenhalve cm.

Wintereik.

Wintereik

De wintereik (Quercus petraea) komt minder voor dan de zomereik. De boom kan 40 meter hoog worden en bloeit in mei. De wintereik groeit op beschutte vochtige plaatsen. De boom is te vinden in heuvelachtige gronden met droge stenige bodems en matige zure zandgronden met humeus en leem. De wintereik is minder te vinden doordat deze minder eikels opleverd en de mens had de voorkeur voor de zomereik met veel opbrengsten.

Quercus petraea 04
Wintereik. By Willow [CC BY-SA 2.5 (https://creativecommons.org/licenses/by-sa/2.5)], from Wikimedia Commons.

Gebruik van prehistorie tot nu

De naam eik lijkt van het Indische woord voor verering te komen: igja. Het woord druïde komt van het Keltische woord voor eik. Ook in de geschiedenis heeft de eik een belangrijke rol gespeeld. Bijzonder is de vondst van het mannetje van Willemstad gesneden uit eikenhout. In de prehistorie werden eiken als heiligdom gebruikt. Bewijs hiervoor zijn historische bronnen, waaronder de bronnen over Bonifatius. De eik werd door de Germanen als een heilige boom beschouwd en was gewijd aan de god Donar of Wodan. Ook de Kelten, Grieken en Romeinen zagen de eik als een heilige boom. Bij de bomen vonden rituelen plaats, werden offers gebracht en werden overledenen begraven. Later zijn deze heilige eiken gebruikt om grafkisten te maken vanaf de zesde eeuw.

Willemstad man
Mannetje van Willemstad. By NearEMPTiness [CC BY-SA 4.0 (https://creativecommons.org/licenses/by-sa/4.0)], from Wikimedia Commons.

In het oude Griekenland was de oppergod Zeus gekoppeld aan de eik. De Romeinen gebruikten bladeren van de zomereik als onderscheiding voor een speciale verdienste van de burger. Bij boerderijen werd dikwijls een eik geplant omdat deze boom het huis behoedt voor bliksem: het is een bliksemafleider. De oude Grieken en Romeinen waren reeds op de hoogte van de adstringerende of samentrekkende werking van eikenschors.

Met de introductie van graan is in veel culturen gestopt met het gebruik van meel uit eikels en speelt deze eigenlijk geen rol meer. In sommige indianenculturen en in Japan worden eikels nog steeds gebruikt als voedsel. Van eikels wordt in Japan muk of mook (dotorimuk) of dotori guksi (noedels van meel van de eikels) gemaakt. In tijd van schaarste waren eikels een bron van voedsel, bijvoorbeeld bij de oude Grieken.

De boom levert hout op wat sterk, taai, zeer duurzaam en hard is, maar ook bewerkbaar en afwerkbaar is. Het hout is geschikt als bouwhout, meubelhout, fineerhout en brandhout en heeft een lichte tot donkerbruine kleur.

Eikels zijn voedsel voor dieren met een hoge voedselwaarde, waaronder vetten. Voor mensen zijn de eikels niet eetbaar door de tannine. In de middeleeuwen werden varkens in de herfst naar de bossen gebracht om vetgemest te worden door de eikels te eten. De zomereik kreeg de voorrang in het bos: meer en grotere eikels. De eikels zijn geschikt als veevoeder.

De schors bevat veel looizuur en werd daarom veel gebruikt voor leerlooien. In de vroege middeleeuwen ontstond eikenhakhout waar elke tien tot twaalf jaar werd gehakt – de bast voor leerlooien en het hout als brandhout. Tot het begin van de twintigste eeuw waren deze plekken in Nederland te vinden.

Korean acorn jelly-Dotorimuk-02
Dotorimuk, by HapaK at Flickr [CC BY-SA 2.0].

Geneeskrachtige werking

In de zomereik zijn de volgende inhoudsstoffen te vinden: in de bladeren 8-20 procent looistoffen en triterpeen en in de eikels ook vette olie (FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, p. 139). Geroosterde eikels bevatten waarschijnlijk vitamine A en werd als eikeltjeskoffie aangeboden aan kinderen met de Engelse ziekte. De koffie zou helpen bij spijsvertering, jicht en neerslachtigheid. Eikelcacao en eikelkoffie werden in de volksgeneeskunde gebruikt bij buikloop, bloedarmoede, rachitis en huidaandoeningen. Indianen gebruikten het bij de behandeling van diarree, aambeien en wonden. Eik bevat veel looistoffen en is daarom minder geschikt om oraal in te nemen.

Als gorgelmiddel wordt de eikenbast medicinaal gebruikt, maar ook wordt de bast gebruikt bij wassingen en baden voor ontstoken en jeukende huidziektes. Baden helpen ook bij overmatige zweetvoeten, aambeien, baarmoederontsteking en betere nachtrust
(FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, pp. 139-140).

Schors van de zomereik werd in het verleden gebruikt voor allerlei kwalen. Andere uitwendige toepassingen zonder medische onderbouwing zouden zijn:
1. Mondslijmvliesontsteking, aften en zweertjes,
2. Tongontsteking, tandvleesontsteking, bloedend tandvlees,
3. Keelpijn, amandelontsteking,
4. Spataderen en zweren,
5. Doorlig plekken,
6. Bloedende en natte wonden,
7. Winterhanden en –voeten, winterkloven,
8. Oogbindvlies- en ooglidontsteking.

Vrucht van de eik: de eikel.

Eetbaar?

Zowel eikels als de bladeren bevatten looizuren welke het maag-darmstelsel irriteren. Deze kunnen worden omgezet tot een sterk bloedgif. De hoeveelheid van deze stoffen is te bepalen door te kijken naar de kroon van de eikel: hoe groter de kroon, des te meer looizuren. Door verhitten of weken worden de looizuren onschadelijk gemaakt en kunnen de eikels gegeten worden. Varkens, wilde zwijnen, herten en eekhoorns kunnen het verdragen, maar paarden, schapen en runderen zijn zeer gevoelig voor dit gif.

De rijpe vruchten (eikels) kunnen worden verzameld in september om moes te maken. Eerst blancheer je de eikels en vervolgens pel en pureer je deze. Doe de moes in een katoenen doek en spoel deze door om de bittere smaak weg te halen. Deze eikelmoes kan een grondstof zijn voor burgers en gebak, maar ook een smaakmaker voor sauzen en desserts (FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, p. 139). Eikels kunnen worden geroosterd of gedroogd of in water leggen en fijngehakt of gemalen waarna je ze kunt gebruiken in maaltijden.

Van geroosterde eikels kan koffie worden gemaakt. Gemengd met gebrande gedroogde vruchten of granen en geroosterde cichoreiwortel kan men cafeïnevrije koffie maken. Deze eikeltjeskoffie werd gedronken in tijden van schaarste, waaronder in WOII. Door de Duitsers werd het Kaffee-Ersatz genoemd. Van de minder bittere eikels kan je schaafsel op je boterham doen. Vroeger werd de schil van onrijpe eikels gedroogd, vermalen en toegevoegd aan meel.
Meel van eikels kan in recepten meel van granen vervangen, maar dit gebeurt niet veel. Door uitgerijpte eikels in water te leggen voor drie tot vier dagen krijg je een fris drankje met een bittertje (FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, p. 139).

De bladeren kunnen in maart en april worden geplukt en als kruid verwerkt in dressings voor salades. Gedroogd blad kan worden vermalen tot meel als toevoeging aan granenmeel of gemengd door de tabak (FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, p. 139).

Bladeren en schillen zijn bitter, maar de verwerkte eikels hebben een zurige, nootachtige en doffe smaak (FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, p. 139).

Eikenhouten vaten worden gebruikt om wijn en whiskey te maken.

Bronnen

FLEISCHHAUER, S.G., ET.AL., 2017. Eetbare Wilde Planten. Schildpad Boeken, Workum.

Wikipedia 

Wikipedia

Wikipedia

Door Nadine Lemmers & Eric Duiverman

2 REACTIES

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.