De wilg is een loofboom, waarvan 12 soorten in Nederland voorkomen. De wilg heeft een bloeiwijze met kenmerkende katjes. Kenmerkend is de gemakkelijke manier waarop de wilg te stekken is. Wie heeft niet ooit een wilg in water gezet en gezien dat er snel nieuwe wortels gevormd werden. Wilgen houden van vocht en licht en ze zijn dan ook vaak te vinden bij water. De wilgen zijn pioniersbomen, bomen die zich als eerste vestigen in een leeg of bijna leeg stuk grond. De boom groeit snel.

Ruigtevegatatie en bomen in de Biesbos
Salix cinerea flowers-2

De wilg is een bekende boom. Het hout kan gebruikt worden als bouwhout en brandhout. Het hout is geschikt voor het maken van stelen voor gereedschap, voor het vlechten van manden en fuiken, maar ook voor het vlechtwerk in de wanden van huizen zijn de takken zeer geschikt. Voor het vlechten van manden worden nu vaak de soorten Belgisch rood of Frans geel gebruikt. Wilgentakken zijn ook goed te gebruiken voor het maken van hekwerken. Van de bast van de wilg kan via twijnen touw gemaakt worden. Ook kan de wilg gebruikt worden om houtskool van te maken. Wilgenhout is ook vaak de grondstof voor klompen. In de prehistorie hadden wilgen nog een andere functie, namelijk als bindmiddel. De jonge takken kunnen worden gebruikt om de verbindingen in hutten en huizen te maken, denk aan o.a. riet dekken.

Geschiedenis van het medicinale gebruik

De Soemeriërs waren een volk dat 4.500 jaar geleden tussen de Eufraat en de Tigris leefde. Zij gebruikten de schors als koortswerend middel. In navolging van de Soemeriërs hebben de Assyriërs en de Babyloniërs eveneens recepten op basis van wilgenschors achtergelaten voor koortsbestrijding. In het oude Egypte werd een zalf gemaakt op basis van wilgenzaad. Deze wilgenzaadzalf werd gebruikt bij ontstoken gewrichten en botbreuken. Omslagen van gebrande wilgenbladeren in combinatie met rozenolie gebruikten de oude Egyptenaren om huidontstekingen tegen te gaan. In het oude Griekenland schreef Hippocrates een aftreksel van knotwilgschors voor bij gewrichtsontstekingen, pijn en koorts. Daarnaast constateerde hij dat buikloop werd gestopt als men wilgenschorsthee dronk. In de kruidenwetenschap zag men naast de buikloop stoppende, gewrichtspijn remmende en jicht werende werking een geslachtsdrift remmende werking in knotwilg. De Romeinen schreven knotwilg voor bij gewrichtspijn. Ook hier lijken de aanwezige salicylaten het effect te kunnen verklaren.

Bourgoyen knotted willow and woodpile
Acetylsalicylsäure-Synthese

In de 17e eeuw was wilgenbast een bekend medicijn tegen hoofdpijn, gewrichtspijn en jicht. Het werd eveneens tegen malaria gebruikt, totdat men kinine ontdekte, wat nog beter malaria bestrijdt. Lange tijd zag men de wilg als symbool voor verlatenheid en hartenpijn. Men droeg een kroon van wilgentakken als men door een geliefde verlaten was. In 1829 werd voor het eerst uit de schors van knotwilg acetylsalicylzuur onttrokken en werd dit tot pil gemaakt. Later werd de verbinding acetylsalicylzuur ontdekt dat effectiever was en minder bijwerkingen kende. Acetylsalicylzuur is bekend geworden onder de naam Aspirine®, wat eigenlijk de merknaam is van het eerste commerciële preparaat.

Geneeskrachtige werking?

In de schietwilg zitten de volgende inhoudsstoffen: flavonoiden, tot 20% looistoffen, tot 11% salicylaat (plantaardige aspirine), 6% salicine, harsen en oxalaten (FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, pp. 84-85).

Al 2.000 jaar in gebruik als geneesmiddel tegen ontstekingen. Thee van de bast helpt bij acute pijn, chronische pijn, lichte verkoudheid met koorts en werkt antioxidatief en ontstekingsremmend. Vandaag de dag wordt het medicijn ook preventief gebruikt tegen hartinfacten
(FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, pp. 84-85).

Wilgen zouden geneeskrachtige werking hebben tegen koorts, artritis, slapeloosheid en bovenmatige seksuele drang. Het effect bij koorts en artritis zou verklaard kunnen worden door de aanwezige salicylaten (aspirine), de werkzaamheid bij de laatste twee kan ik mij moeilijk voorstellen. Wilgenbast gebruikte men vroeger tegen reumatiek en jicht. Door op een stukje bast te kauwen kun je pijn verlichten. Daarin zit namelijk salicine, hoofdbestanddeel van aspirine.
Naast toepassingen voor inwendig gebruik kan wilgenbast ook uitwendig worden toegepast. Het werkt samentrekkend, ontstekingsremmend, bloedstelpend, wond helend en infectie bestrijdend. Het breekt de hoornlaag af, wat vooral goed werkt bij wratten. Ook hier lijken salicylaten weer de verklaring voor de mogelijke werkzaamheid.

Aspirine macro shot

Eetbaar?

De wilg bevat salicine waardoor het niet aan te raden is meer dan een handvol bladeren te eten. De bladeren kunnen in april geplukt worden mits deze niet te stug zijn. De bladeren zijn rauw te eten en te verwerken in salades. De bladeren zijn na garing minder lekker, maar met kruiden in vullingen en als spinazie te verwerken. De bladeren zijn van april tot juni te plukken en te drogen. Gedroogde bladeren zijn te gebruiken in tabakmelanges of als thee.
De fijne binnenbast is in de maanden maart en april in repen te snijden en te koken als pasta. In tijden van schaarste werd de bast gemalen en gedroogd en als aanmengmeel gebruikt.
De bladeren zijn stevig en hebben de smaak van sla. De milde smaak wordt sterker in de zomermaanden. De geur van het gedroogde blad lijkt op melisse (FLEISCHHAUER, ET.AL., 2017, pp. 84-85).

Door Eric Duiverman en Nadine Lemmers

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.