Naar een archeologische vondst in Halder Noord Brabant

Uitgevoerd op 3 oktober 2016 op het Hunebedcentrum (Oertijdpark) te Borger

Voorbereid en uitgevoerd door:

Cisca Boot
André Hazewinkel
Leo Moonen (schrijver van dit verslag)
(allen vrijwilligers op het Hunebed Centrum)

Voorbereidend werk:

Cisca: diverse potten en lepels gemaakt van klei en gedroogd in de loop van dit jaar.
Leo: internet, websites met informatie over opgravingen van Romeinse ovens.
Bouw van de oven:
Begonnen in juli, verder vorm gegeven in augustus, ook met hulp van bezoekers.
Een laatste lucht-isolatielaag is aangebracht op zondag 2 oktober.
Het aardewerk bakken:
Door Cisca, André en Leo,
Bep en Rob van Hees (BEPPIE’s POTTERY),
op maandag 3 oktober, op het OertijdPark- Experimenteerveld.

Inhoud:

I) De voorbereiding en oriëntatie.

II) De bouw van de oven:
Het ontwerp.
De uitvoering.

III) Een weekend aardewerk bakken:
De voorbereiding op zondag
Het bakken op maandag
De oven openen op dinsdag

IV) Een volgende “Romeinse oven”?

I) Voorbereiding en oriëntatie.

Uit het boek “Nederland in de Prehistorie” , hoofdstuk 27:
… een geavanceerd type pottenbakkersoven waarin vuurkamer en bakruimte gescheiden zijn door een aardenwerken rooster. De oudste nu bekende resten van roosters in het Nederrijnse gebied dateren echter pas uit het eindstadium van de vroege ijzertijd. Buiten de vrij geringe afmetingen van de vermoede ovens, namelijk een diameter van hoogstens 1,25 meter, zijn er nog geen details van de constructie te geven….
(ISBN 90 351 248 47)

In het voorjaar, tijdens een vergadering over het Oertijdpark, kwam Cisca met het idee om aardewerk te gaan bakken in een Keltisch/Romeins type koepeloven. Bij het pottenbakken in kuilovens (in 2015 en 2014) is zo ongeveer de helft van het aardewerk stuk gegaan. Zo’n Romeinse type oven is opgegraven in Halder, Noord Brabant en een model staat daar in het museum.

aardewerk2
Halder museum: Romeinse pottenbakkers oven
aardewerk3
Halder museum: Romeinse pottenbakkers oven

Bij de opgravingen in Halder in 1973 zijn alleen resten van de stookruimte teruggevonden en niets van de koepel en het rooster. Het grootste deel van de oven, ook de koepel, lag onder het maaiveld. Ook de ingang van de stookkamer en de werkruimte voor de stoker lag onder het maaiveld.

Gegevens over zo’n rooster heb ik gevonden in Duitsland (op het web), waar het een “Lochtenne” wordt genoemd:

aardewerk4
http://www.uni-regensburg.de/Fakultaeten/phil_Fak_III/Geschichte/gk/ pug/texte/forschpr/projektb/frauenberg/frauberg.htm
aardewerk5
Lochtenne eines KeltischenTöpferofens von Osterhofen-Schmiedorf – Keltenmuseum Manching, Duitsland. Bron, Wolfgang Rieger https://de.wikipedia.org/wiki/T%C3%B6pferofen

Meer over Halder:
http://www.romeinshalder.nl/wp-content/uploads/2016/03/ovenhalder-1.pdf
http://www.romeinshalder.nl/pottenbakkersoven/

Een mooi handgeschreven verslag – Het boek van broeder Celestinus – over de opgraving te Halder in Noord Brabant is te vinden op:
http://www.romeinshalder.nl/wp-content/plakboek/halpagx.html

aardewerk6
(Halder, Noord Brabant)
aardewerk7
Uit het boek van broeder Celestinus: dwarsdoorsneden van de oven en bijna de hele oven ligt onder het maaiveld

II) De bouw van de oven

– Het ontwerp

aardewerk8
2e en uiteindelijke schets van de oven – hij is tijdens de bouw wat hoger uitgevallen.

Afwijking van de tekening:

De hoogte van de bakruimte, de afstand tussen het rooster en de opening is uiteindelijk bijna 60 cm geworden en niet 40 cm zoals in de tekening.
De totale hoogte is dan ook 50 + 10 + 60 + 30 = 150 cm (ongeveer)

Stookruimte:
De functies van de stookruimte zijn: een gesloten ruimte vormen van waaruit voldoende warmte met een hoge temperatuur kan worden geleverd aan de bakruimte, het dragen van het rooster en het dragen van de koepel.
De constructie van de stookruimte bij onze oven is gebaseerd op de vondst in Halder: dezelfde hoogte van 50 cm, maar een breedte van 80 cm in plaats van 120 cm (ongeveer 70%).

Rooster:
De functies van het rooster zijn: dragen van het aardewerk en het doorlaten van de warmte uit de stookruimte naar de bakruimte.
En dan wel op een gelijkmatige manier, zowel wat betreft het oppervlak en wat betreft de tijd.
Niet wenselijk zijn de tijdelijk hoge temperaturen die in en aan de bovenkant van een vlam kunnen ontstaan: 1000 tot 1500 °C . (in theorie zelfs nog hoger – de adiabatische vlam temperatuur).
Er is een rooster gemaakt met 50 gaatjes, met als voorbeeld een archeologische opgraving in Duitsland (Lochtenne von Osterhofen-Schmiedorf)

Koepel:
De koepel staat boven op het rooster, over het aardewerk heen. De functies zijn het binnenhouden van de warmte op een hoge temperatuur en het beschermen van het aardewerk. Wenselijk is dan een stevige constructie met een grote warmte weerstand.
Voor de constructie van de koepel zijn geen gegevens gevonden uit archeologische opgravingen. Er zijn meerdere mogelijkheden (aarzel niet uw idee kenbaar te maken). De koepel is dubbelwandig gemaakt. Een sterke laag leem van circa 7 cm dik aan de binnenkant en een heel dunne laag leem op doek aan de buitenkant met daartussen een laagje lucht van 2 a 3 cm.
Boven op de koepel zit een deksel – op een rond gat van ca 40 cm diameter – dat toegang geeft tot de bakruimte.
In het deksel zit een rookgat (schoorsteen) voor de afvoer van hete rookgassen, deels afsluitbaar.

Materiaal:
Als bouwmateriaal is overal in de constructie gebruik gemaakt van: keileem, wilgentakken en vuurvaste stenen.
Ook stro, als haksel door het leem heen en als opvulling in de koepel, volière gaas om de koepel een ruwe vorm te geven en zelfs wat cement (specie). In het rooster zit wat ijzerwerk voor extra stevigheid – je kunt erop staan.
Overal waar nodig zijn vanwege de hoge temperaturen “vuurvaste” materialen gebruikt.
“GEWONE” STENEN, BOUWSTENEN OF KEIEN, ZIJN GEVAARLIJK BIJ HOGE TEMPERATUREN EN KUNNEN UIT ELKAAR SPATTEN (ONTPLOFFEN)! LEEM OF KLEI MET TE VEEL KALK KAN AL BIJ MINDER DAN 1000 °C GAAN SMELTEN – DE CONSTRUCTIE KAN IN ELKAAR ZAKKEN. De gebruikte Drentse keileem blijft tot minstens 1200 °C in vaste vorm.

– De uitvoering

Het bouwen van de stookruimte:
Eind juli is begonnen met het vrijmaken en egaliseren van de ondergrond. Een 12 tal beton (tuin) tegels vormen de basis waarop met vuurvaste stenen een stookruimte is opgemetseld. Omdat alles open en bloot staat aan weersinvloeden, hebben we besloten om te gaan experimenteren met een mengsel van leem en cement, in de verhouding 1:5 (ongeveer). Een aantal weken later bleek echter dat dit niet leidt tot een harde weerbestendige voeg tussen de stenen. De ingang van de stookruimte is vrij hoog uitgevallen – bij ongeveer de halve hoogte zou minder warmte hierdoor ontsnappen.

aardewerk9
Stookruimte, diameter circa 80 cm, hoogte 50 cm

De wanden van de stookruimte bij de vondst in Halder waren iets gewelfd (in horizontale zin) en zijn ongeveer 7 cm dik. Volgens de opgraving zat er een ondersteuningstong of midden-dam in de stookruimte. Ons rooster is stevig en we hebben deze dam niet nagebouwd maar we hebben wel een stapeltje stenen gebruikt ter ondersteuning tijdens de bouw en dit laten zitten.

Het bouwen van het rooster:
Met een stookruimte van 120 cm breed is in Halder het oppervlak van het rooster ongeveer 1 vierkante meter.
Onze oven heeft een breedte van 70% van 120 cm = 84 cm, het oppervlak wordt dan ongeveer 0,5 vierkante meter. De hoogte is met 50 cm hetzelfde als in Halder.

Ons rooster is gemaakt direct op de rand van de stookruimte. Met behulp van een dunne plaat triplex, een paar centimeter dragend op de rand van het muurtje, met daarop een laagje leem en een restant van een grof metalen rooster. In het midden is de plaat triplex ondersteund door een stapel bakstenen. Met stukken van wilgentakken (ca 3 cm dik) is een 50-tal gaten in de leem gestoken. Met de takken in de leem is er een emmer beton over heen gegoten (1 cement -2 zand -3 kiezel verhouding). Deze laag is weer afgestreken met een laag leem. De nieuwe laag is op de onderlaag aangebracht terwijl deze nog niet droog was. Een aantal dagen later is er een vuurtje onder gestookt, de plaat triplex is weggebrand en na enige tijd zijn ook de dikke stukken tak in de gaten verbrand.

Nog eenvoudiger (zo deden de eerste bouwers het waarschijnlijk) zou zijn om de roosterplaat (Lochtenne) eerst direct op het maaiveld te maken:
Een oppervlakte met een diameter van 1,2 meter glad maken.
Twee boomstammetjes onder het oppervlak aan brengen om de plaat later te kunnen optillen en te plaatsen op de wand van de stookruimte. Wat leem opbrengen, daar takken in leggen en weer wat leem opbrengen. Met dikke takken een aantal (50) gaten in de ronde dikke leemkoek steken. Dwars er doorheen, in de grond. Wachten en drogen (in de zon), optillen en monteren.

aardewerka
Het rooster. diameter circa 80 cm, dik circa 5 – 8 cm, 50 gaten

Het bouwen van de koepel:
Op het Oertijdpark van het Hunebed Centrum is het in de zomermaanden vooral in de middag “aangenaam” druk. Dat wil zeggen dat je meer tijd besteedt aan praten en uitleg aan bezoekers dan aan de bouw van de oven. In bepaalde fases van de bouw is het goed mogelijk – en zelfs heel leuk – als het publiek wordt uitgenodigd om mee te werken aan bijvoorbeeld het opbrengen van leem op de koepel. Op Facebook kunt U wat meer plaatjes en filmpjes vinden van bezoekers die meehelpen.

aardewerkb
Leem met stro gemengd, op gaas, ondersteund door aangedrukt stro.

De koepel is bij ons dubbelwandig uitgevoerd, de stevige binnenwand is als volgt opgezet: Een halve bol van volière gaas is op de wand (rand) van de stookruimte gezet en opgevuld met stro. Vervolgens is leem, gemengd met stro, op het gaas gesmeerd. Na enige tijd is de buitenkant van het leem met water weer zacht gemaakt en is wederom wat gaas aangebracht met nu een laagje specie (ongeveer 1 cm dik). Nog voor de specie was uitgehard, is hier overheen weer een laagje leem aangebracht.

Een paar dagen later is het stro uit de oven verwijderd en is alles warm gestookt.
Weer een paar dagen later – de ovenwand was nu inmiddels hard en stevig maar nog slechts ongeveer 3 a 4 cm dik – werd de binnenkant ruim met leem aangesmeerd en ook de buitenkant totdat de wand gemiddeld totaal circa 7 cm dik is geworden. .
Ook voor het aansmeren van de wand is hulp gevraagd aan de bezoekers: van jong tot wat ouder is met plezier met leem aan het kledderen geweest.

Eind augustus was de oven “af”.
Voorafgaand aan het droogstoken heeft Cisca nog een gezicht op de voorkant aangebracht , dit geeft een persoonlijkheid aan het apparaat.
De oven wordt gevuld van boven af. De hoogte vanaf de ronde opening boven tot aan het rooster is gelijk aan een armlengte.
Het deksel is op dezelfde wijze gemaakt als de ovenwand: laagje leem, laagje cement in gaas, laagje leem, echter niet ter plaatse maar op een omgekeerde grote vuurschotel met een mooie bolling. Boven in het deksel zit een gat voor de rookafvoer met diameter van 12 cm – met een minieme schoorsteenhoogte van zo’n 10 cm.

aardewerkc
Bijna af, met gezicht.

Een goede passing van het deksel op de oven (de rand is handgevormd en zeker niet mooi vlak) is verkregen door eerst een stukje plastic op de ovenrand te leggen, daarop een randje leem van 2 a 3 cm en daarop weer het deksel (eerst van onder nat en zacht gemaakt) … en even wachten.

III) Een weekend aardewerk bakken.

We hebben een aantal weken gewacht met het opstoken van de oven:
de weersomstandigheden moeten gunstig zijn EN het is wenselijk dat minimaal drie personen aanwezig zijn tijdens het stoken van de oven, niet alleen voor het stoken zelf maar ook om bezoekers te woord te kunnen staan.

De voorbereiding op zondag 2 oktober:

Vandaag wordt de oven gevuld met de te bakken potten. Alleen de stevige binnenwand is al enige tijd klaar. Vandaag komt de dunne buitenwand met de extra isolatielaag.
Met wilgentakken wordt een boogvormige constructie om de koepel heen gemaakt. Daaroverheen worden een paar lakens gespannen. Deze lakens worden afgestreken met leempap.

Het is de bedoeling om enige lagen leempap aan te brengen om uiteindelijk een ongeveer 1 cm dikke wand te krijgen.
Op deze wijze moet een extra lucht-isolatielaag worden gecreëerd om de hele oven heen. Het geheel geeft (in theorie) een weerstand die vergelijkbaar is met een massieve wand van leem, ongeveer 50 cm dik. Dan mag ook het inwendige (takken en katoen) verkolen of verbranden zonder dat de schil in elkaar zakt.

Onder in de oven, in de stookruimte, wordt een matig vuurtje gestookt dat na enige tijd heet genoeg is om damp te laten opstijgen uit de vochtige buitenste leemlaag. In de oven zelf zal de temperatuur ergens rond de 200 °C worden (niet gemeten). Voor de nog vochtige tuyeres en het meetlichaam is het goed om langzaam te drogen om scheurvorming te voorkomen. Dit geldt ook voor de andere objecten – voor zover er nog vocht in mocht zitten. Een afgesloten kleine bel met vocht in het aardewerk zal dit laten scheuren door uitzetting (het vocht wordt waterdamp gas met een hoge druk).
De pas met leem bestreken schil wordt hard en een volgende laag gaat er tegen aan.
Een buitenwand dikte van minimaal een cm dik zijn mooi zijn, maar die dikte wordt niet gehaald, een aantal mm slechts.

Het te bakken aardewerk kan niet direct op de Lochtenne worden gezet, dan zouden vele gaatjes in de bodem –nodig voor het doorstromen van de hete rookgassen – worden afgesloten. We hebben een paar kleine metalen roosters gevonden. Maar niet genoeg om de hele bodem te bedekken. In een “tijdelijke bewaar hoek voor overbodige spulletjes” vinden we nog een restje volière gaas dat dubbel gevouwen over de resterende gaatjes in de Lochtenne komt.
Dan gaan de potjes en kommetjes in de oven, op de roosters, ondersteboven. En de tuyeres, deze zijn nog vochtig.

Onderaan is in de ovenwand net boven het rooster een opening aangebracht waardoor een 30 cm lang thermokoppel pijpje (Chroom-Nikkel, tot 1200 °C) horizontaal de oven in steekt. Nu is het niet de bedoeling om de temperatuur van de hete rookgassen te meten, maar de temperatuur van het aardewerk. Daartoe is een buisvormig lichaam van klei gemaakt, wanddikte circa 1 cm, dat door de zijwand heen zo’n 20 cm de oven insteekt. In deze te bakken buis van aardwerk steekt dan de thermokoppel pijp. Het meetpunt zit dus in een uitstulping van de wand, van aardewerk, ongeveer 20 cm in de oven, rustend op een vuurvaste steen, 10 cm boven het rooster.

Tegen het eind van de middag wordt besloten om morgen het opstarten van de oven met matig vuur te beginnen, zodat het geheel niet te snel heet wordt en er dan voor de stevigheid nog een paar lagen leem extra over de isolatieschil heen kunnen worden gesmeerd.

aardewerkd
Het nog te bakken aardewerk in de oven. Helemaal in de uitstulping rechts zit het thermokoppel.
aardewerke
Grof frame voor de isolatielaag
aardewerkf
Het afsmeren met leempap
aardewerkg
Het droogstoken

Het bakken op maandag 3 oktober:

Het verhaal:
We zijn begonnen met een inspectie van de isolatielaag. Deze voelde aan als een dunne brosse laag steen en was nog warm. Nergens zijn gaten te zien dus er is stilstaande lucht in de laag. Tot aan de lunchpauze wordt er nog leempap opgesmeerd voor meer dikte en stevigheid.

Om elf uur gaat het vuur in wat stukjes hout en stro – de oven komt tot “leven”. Na een paar minuten gaan de eerste dunne en platte stukken hout erin gevolgd door de wat grotere.
Langzaam loopt de temperatuur nu omhoog.

Na de lunch wordt een blower gemonteerd (met een schapevachtje erover heen), het uiteinde van zo’n 2 1/2 meter inblaas buis steekt midden in de brandruimte. Met slechts 120 Watt weet deze blower in de stookruimte het gebied rond het uiteinde goed geel tot witheet te krijgen. (op het eind van de dag was de pijp een stuk korter)
Ongeveer 78 % van de lucht bestaat uit stikstof en dit helpt niet bij de verbranding van hout. In tegendeel, veel warmte wordt gebruikt om het stikstof te verhitten en dit is gewoon verlies. Met alleen zuurstof zou het brandende hout veel meer warmte afgeven.

De 10 cm lange “schoorsteen” bovenop de koepel is helemaal open. Van “trek” in de oven is geen sprake. Er is ook geen typerend “brommend geluid” van de hete luchtstroom na het inschakelen van de blower. Nogal wat vuur in de stookkamer volgt de route door de ingang van de stookkamer bovenlangs naar buiten – en veel warmte gaat door deze ingang verloren…
Ideaal zou zijn als alle warmte door de 50 gaten in het rooster in de bakruimte komt , daar zo lang mogelijk blijft om warmte af te staan aan de potten, en vervolgens verdwijnt om ruimte te maken voor nieuwe hete “lucht”.

Alleen hout en houtskool wordt gestookt met ruim lucht. Later in de middag wordt de ingang deels afgesloten, de toevoer van lucht beperkt en is er daardoor meer kans op CO vorming door onvolledige verbranding – iets om rekening mee te houden in combinatie met de windrichting.
CO – koolmoxide – is een gevaarlijk gas om in te ademen.

Zo rond half drie uur in de middag lijkt het erop alsof de temperatuur in de bakruimte niet meer stijgt en wil blijven staan op ongeveer 600 °C.
Omdat de buitenwand van de isolatielaag om de oven heen wel warm tot behoorlijk warm is, maar nog goed aan te raken, besluiten we om tijdelijk een paar huiden losjes als een tweede isolatielaag om de oven heen te leggen. En natuurlijk de temperatuur daarvan in de gaten te houden. De temperatuur loopt nu met ongeveer 50 °C op tot ca 650 °C.

En weer blijft de temperatuur constant.
We besluiten geen extra houtskool meer toe te voegen en overwegen zelfs om het “hierbij te laten”.

De huiden gaan er weer af.

Een randje stenen komt onderin de ingang van de stookkamer en sluit nu voor 1/3 de ingang af. De blower gaat op de laagste stand.

Verrassing: de temperatuur gaat nu weer verder oplopen!
De kolom stenen die de Lochtenne ondersteunen straalt nu duidelijk in een donkerrode gloed.
We besluiten verder te gaan en alle resterende houtblokken in de stookruimte te brengen EN de ingang van de stookruimte verder af te sluiten.

Ook de blower gaat nu uit.
Als de ingang voor ruim 2/3 afgesloten is en nog net met enige moeite met een schep de houtblokken kunnen worden ingebracht, wordt het vuur veel rustiger en “blijft” helemaal in de stookruimte. Er komen geen vlammen meer naar buiten boven langs de ingang.
De stralingskleur van de kolom stenen verandert langzaam van donker naar meer helder rood. In de hele stookruimte brandt nu een hoog “mooi en rustig” vuur.
Tegen half vijf gaat de stijging van de temperatuur wat afvlakken. We meten 700 °C en hoger.

Op een paar plaatsen krijgt de isolatielaag van takken, doek en leem het nu te zwaar, hij gaat roken en er komen een paar gaatjes in.
We besluiten de toevoer van houtblokken te stoppen en sluiten nu de ingang van de stookruimte “helemaal” af met stenen. Alleen tussen de kieren van de op elkaar gestapelde stenen komt nu lucht voor de verbranding naar binnen. (totaal lucht doorlatend oppervlak schat ik op ongeveer 20 vierkante cm)
Het brandproces verandert nu : alle gassen in het hout zijn verbrand en het resterende houtskool gaat nu rustig branden…. (Wat uiteindelijk zal overblijven is een dunne laag witgrijze as. )

aardewerkh
De buitenste laag wordt warm en vat vlam.

De temperatuur loopt nu weer verder omhoog, tot een waarde van maximaal 810 °C net even na vijf uur. (met een nauwkeurigheid van geschat +/- 20 C)
De isolatielaag kreeg het al even eerder te warm en hij gaat nu in brand – er komen wat vlammetjes uit.
Na vijf uur zien we de temperatuur weer heel langzaam dalen – en we besluiten te stoppen met het bakken.
De isolatielaag heeft inmiddels grotendeels vuur gevat en we trekken hem om te doven van de oven af die nu geheel zwart geblakerd blijkt te zijn.

aardewerki
Daar gaat de buitenste laag.

Het geheel is nu te heet om er verder aan te werken en we laten de oven afkoelen. Morgen gaat hij open. …………….Opruimen.

De aantekeningen:
Het stoken van de Romeinse pottenbakoven op maandag 3 oktober 2016
10 uur
Mooi weer, droog, zon, lichte wind uit NO. Een graad of 16.
De isolatielaag van de oven is nog handwarm (van gisteren) en voelt aan als stijf steenachtig doek.
11:00 Hout gaat de brandkamer in en wordt aangestoken.
Er liggen nu twee kruiwagen ladingen houtblokken klaar, in het totaal zijn er 5 kruiwagen ladingen houtblokken verstookt.
12:00 ca
Na 1/2 kruiwagen hout in de brandkamer is inmiddels T = 130 °C
12:30 T= 250 °C
13:06 T= 390 °C
We hebben twee zakken houtskool a 10 kg, een zak gaat nu de oven in.
De blower gaat aan.
13:45 T = 480 °C
14:20 T = 550 °C
De temperatuur lijkt niet verder op te lopen.
15:30 T= 600 °C
15:45 T= 650 °C
De stenen in de brandkamer die het rooster ondersteunen gloeien nu kersrood.
15:55 T = 640 °C temperatuur is dalend!
De isolatie gaat op een paar plaatsen stuk. Er komen gaten in waardoor hete lucht ontsnapt.
We stoppen met toevoegen van houtblokken .
De onderste helft ( of ruim eenderde deel) van de ingang van de stookkamer wordt met stenen dichtgemaakt.
Er zitten inmiddels 4 kruiwagens hout in
16:00 (~) T = 653/ 656/ 659/ 663/ 669/ 673 °C – oplopend
16:12 T = T = 716 °C
Een extra kruiwagen hout gaat de oven in. Met de schep, blok na blok, door de bovenste open helft.
16:20 T = 736°C
De blower gaat uit en de ingang gaat nu “helemaal” dicht met stenen.
De temperatuur loopt nu weer verder op!
16:32 T = 753 -> 759 °C
16:45 T = 776 °C
16:50 T = 783 °C
16:55 T = 799 °C
17:00 T = 806 °C
17:03 T = 813 °C maximum waarde
17:05 T = 799 °C einde

aardewerkj

De oven openen op dinsdag 4 oktober – het resultaat.

Op dinsdag ochtend om 10 uur ( prachtig zonnig weer) is de oven nog steeds behoorlijk warm. Het deksel wordt eraf getild en na de eerste blik in de oven worden Cisca en ik heel blij: alles lijkt heel! De kleur van het aardewerk is “licht rood”. Een paar bezoekers worden uitgenodigd om ook op de dikke boomstamschijf naast de stookkamer te gaan staan, in de warme oven te kijken naar de mooi gebakken objecten. Ze zijn nog iets te heet om ze wat langer dan “even” in de hand te houden. Een object heeft een horizontale barst in de bodem. Alle ander objecten zijn heel.

aardewerkk
Na opening… alles lijkt heel.
aardewerkl
Als prehistorisch aardewerk , “mooi”
aardewerkm
Als prehistorisch aardewerk , “mooi”
aardewerkn
De oven glimlacht tevreden.

IV) Een volgende “Romeinse oven”?

Gezien het mooie resultaat komt nu de wens op om deze oven volgend jaar nog eens te gebruiken. Omdat de constructie met leem vochtgevoelig is , ijsvorming in de spleten de oven uit elkaar laat vallen, besluiten we er een afdakje overheen te maken zodat het geheel de winter goed door kan komen.
Als dan na een tweede pottenbakkerssessie het resultaat ook goed is en we dus onze ervaring die we nu hebben opgedaan (om zo te stoken dat de temperatuur tot 800 °C kan oplopen) kunnen bevestigen en uitbreiden, is het misschien een mooie uitdaging om een groot – 100% – model van de Romeinse oven te Halder na te bouwen en te stoken.
Van die oven is het oppervlak met een diameter van 1,2 m ongeveer 2 x zo groot: ongeveer 1 vierkante meter.
De koepel van de oven van Halder zou hoger kunnen zijn geweest dan bij onze oven. De vorm en de inhoud van koepel zou af kunnen hangen van de vorm en hoeveelheid van de te bakken aardewerken stukken (*). De ingang tot de bakruimte zou ook een uitneembaar segment in de zijwand kunnen zijn in plaats van een groot gat bovenin.
(*)Een paar amfora’s zou prachtig zijn!
Met het aanbrengen van een of twee verdiepingen in de oven zouden zelfs meerdere pottenbakkers (-sters) hun werk op een oud-Keltisch/Romeinse kunnen bakken!
De wand van de koepel zou ook massief kunnen zijn , opgebouwd uit alleen maar leemstenen, die over een ruime periode vooraf eenvoudig gemaakt en gedroogd kunnen worden – ook door geïnteresseerde bezoekers, van jong tot oud.
Mogelijk zit hier ook een project in voor (middelbaar) geschiedenis onderwijs?

Leo Moonen
Op Facebook “Leo Ironsmelter” en “Hunebed Centrum” staan een paar plaatjes en filmpjes gemaakt tijdens de bouw van de oven.

aardewerko
Het gezelschap van links naar rechts: Andre- Steentijd, maakt gereedschap (bijlen, pijlpunten) van steen, Cisca – Steentijd, maakt aardewerk zoals in de prehistorie Leo – IJzertijd, maakt ijzer uit ijzeroer (“ironsmelting”: ijzer reduceren en zand smelten) en is geïnteresseerd in prehistorische constructies en bouwmaterialen.

aardewerkp

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.