Marieke zucht en steunt terwijl zij het hunebed schoonmaakt. Wanneer de leerlingen heel dichtbij naderen, begint ze te klagen: “Hallo, ik ben Marieke. En mijn leven is zo zwaar. Ik moet zo hard werken, de hele dag moet ik het bed van de reuzen Ellert en Brammert schoonmaken! ”.

Ze gaat door met poetsen. En vraagt dan aan de leerlingen: “Weet je toen ik zeven jaar geleden werd overvallen door de reuzen, was ik blij dat ik mocht blijven leven, maar nu na zeven jaar. Zucht, zucht. Ik moest hier blijven en het huishouden doen van de rovende reuzen.” Ze poetst verder en vertelt: De reuzen hadden mij horen aankomen doordat ik tegen het touw aanliep bij het hunebed. Ze hadden er een belletje aan gehangen en konden mij dus horen aankomen.” Ze poetst verder: “Wat moet ik toch doen. Ik wil terug naar mijn ouders. Ik durf alleen niet weg te lopen. Ellert en Brammert zouden mij opzoeken bij mijn ouders en misschien dat mijn familie dan wel gevaar loopt.”

Hunebedbouwers-Annales Drenthia Picardt 1660

De leerlingen hebben zich voorbereid en weten dus al het einde van het verhaal. De leerlingen vertellen Marieke dat het verstandig is voor te stellen naar de kerk te gaan met als voorwaarde dat zij niet zou vertellen over de reuzen en waar zij wonen. Ze kan dan haar verhaal vertellen en met erwten de weg markeren naar de grot van de reuzen. De priester en andere mensen volgen dan de sporen, grijpen de reuzen, bevrijden het meisje en vernietigen de grot.

Ellert en Brammert

Vorig artikelDe trol en de ridder in de Keientuin
Volgend artikelHunebed D50 in Noord-Sleen, English

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.