Wat voor materialen gebruikten de hunebedbouwers voor hun gereedschappen?

Hunebedbouwers kenden geen metaal (op twee vondsten na), dus hun gereedschap was gemaakt van gewei, been, leer, vuursteen, natuursteen, hout en (gebakken) klei.

Wat vinden we van deze materialen?

Vuursteen, natuursteen en potten van gebakken klei blijven bewaard. Gereedschap van gewei, been, leer en hout vergaan gemakkelijk. Van de hunebedbouwers kennen we voornamelijk gereedschap van vuursteen, natuursteen en gebakken klei, maar gereedschap van gewei, been, leer, huid en hout zullen er zijn geweest en het beeld is dus vertekenend.

De potten, natuur- en vuursteen als gereedschap

Potten van gebakken klei werden gebruikt om eten te bereiden, te nuttigen en te bewaren. Vuursteen werd gebruikt om vuur te maken met ijzerhoudende steen (markasiet of pyriet). Vuursteen werd ook gebruikt om hout te hakken, huizen te bouwen, hout te bewerken, leer te snijden, been en gewei te bewerken, te slachten, schoonmaken van huid, het oogsten van graan en andere planten en te jagen. Er zijn bijlen, beitels, messen, sikkels, pijlpunten en boren gevonden. Van natuursteen vinden we slijpstenen, maalstenen voor graan en bijlen om hout te hakken net als strijdhamers. Natuursteen wordt ook gebruikt voor het bewerken van vuursteen.

Kwetsbaar: gereedschap van gewei, been, leer en huid

Af en toe vinden we gereedschap van gewei, been, leer en hout zodat we toch iets kunnen zeggen hoe deze er hebben uitgezien. Gewei wordt gebruikt voor het bewerken van vuursteen. Van gewei en been zijn boren, messen, naalden en priemen te maken. Van leer en huid zijn buidels, waterzakken en kookzakken te maken.

Gewei en zeker hout zijn vaak gebruikt als handvat oftewel schacht voor bijlen, messen, sikkel, pijlen, etc. Van hout zullen een ploeg, graafstok, boog, kommen, manden, bakken, bestek en borden zijn gemaakt. In april werd de akker geploegd.

Schep of graafstok?

In de nieuwe steentijd en ervoor worden schouderbladen (scapula) van grote dieren gebruikt als spade of ruwe schep (DARVILL, 2003, p. 304). Mogelijk is er verband tussen de woorden: spade en scapula.

Recent onderzoek (ARANGUREN, ET.AL., 2018) toont aan dat mogelijk houten graafstokken al bij de Neanderthalers bekend waren. Zeker is dat de mens 40.000 jaar geleden al houten graafstokken kenden, want deze zijn bekend uit Border Cave, Zuid-Africa. Ook zijn er graafstokken bekend van gewei en bot. De graafstok is en wordt gebruikt voor het uitgraven van voedsel (wortels, knollen, holendieren en mieren), maar ook om te jagen, voor huiselijke taken, het bewerken van de akker, het graven van kuilen en het graven en hakken naar vuursteen. De stok is bijgesneden, scherp gemaakt of hard gemaakt in vuur. In de nieuwe steentijd zal de graafstok (eventueel met handvat) zijn gebruikt als ploeg en is de voorloper van de meeste agrarische gereedschappen (schoffel en hak).

akkerbouw en veeteelt; ploegen en karnen1
Foto 1. Prehistorische hertshoornen hak die in de jaren ’30 van de 20e eeuw werd gevonden tijdens kalksteenwinning bij Valkenburg (collectie Streekmuseum, Valkenburg). Overgenomen uit “Vuursteenmijnen” van Brounen, 1990 (http://www.vuursteenmijnen.nl/valkenburg/thumbnails/22-biebosch-hertshoornen-hak-valkenburg-aan-de-geul.htm). Copyright 1990, Brounen.

Bronnen

ARANGUREN, B., ET.AL., 2018. Wooden tools and fire technology in the early Neanderthal site of Poggetti Vecchi (Italy). PNAS 115 (9), pp. 2054-2059.
DARVILL, T., 2003. The Concise Oxford Dictionary of ArchaeologyOxford University Press, UK.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.