Tot het geslacht Sagittaria behoren verschillende waterplanten die vaak een knol hebben. Deze knol heeft als functie voedsel op te slaan. De planten zijn eetbaar en worden in Noord-Amerika en Azië geteeld, maar ook in het wild verzameld. In Europa komt van nature alleen de pijlkruid (Sagittaria sagittifolia) voor, maar de exoot het breed pijlkruid (Sagittaria latifolia) komt ook in het wild voor.

Pijlkruid
Pijlkruid is een overblijvende plant, de naam verwijst naar de pijlvormige bladeren. De plant kan 100 cm hoog worden en bloeit van juli tot september met witte bloemen. De plant vormt knollen in de herfst zodat de plant kan overwinteren. De plant is te vinden in ondiep water met een modderige bodem.

De groente: pijlkruid
De knollen zijn geschild rauw te eten, maar kunnen ook gekookt worden en dan gegeten. De knollen bevatten 5 procent eiwit en 20 procent zetmeel. De jonge bladeren zijn ook eetbaar. De knollen smaken zoet. In China, Japan, Taiwan, Indonesië en Maleisië wordt pijlkruid verbouwd als groente. In de Aziatische keuken worden de knollen geschild en gekookt.
