In het Oertijdpark is een reconstructie gemaakt van de grafheuvel van de hoofdman van Drouwen. Deze grafheuvel dateert uit de vroege bronstijd. Een grafheuvel kan worden gezien als de opvolger van het hunebed. Een grafheuvel is een heuvel waar in de prehistorie de doden in werden begraven. De heuvels werden opgeworpen over de menselijke resten, die in een grafkist of urn zaten. Na een eerste begraving werden grafheuvels gebruikt voor latere bijzettingen van andere overledenen. Sommige grafheuvels zijn zelfs in meer perioden gebruikt. Naast de functie als graf lijken de heuvels ook te zijn gebouwd en gebruikt voor verering. In de heuvel van aarde en plaggen ontbraken grote zwerfkeien, zoals bij een hunebed. Keien en hout werden nog wel gebruikt. Grafheuvels kennen we uit de nieuwe steentijd, de bronstijd en de ijzertijd.

Na de hunebedbouwers komen de boeren van de enkelgrafcultuur en deze mensen zijn de eerste mensen die grafheuvels maken voor het begraven van hun overledenen. In de nieuwe steentijd, vroege bronstijd en ijzertijd werden heuvels opgeworpen met één of meer kransen van palen, maar in de midden en late bronstijd werd naast de heuvel ook een greppel en een aarden wal aangelegd.

Grafheuvel van de hoofdman van Drouwen.

De vondst

In 1927 wordt de grafheuvel in Drouwen ontdekt door professor van Giffen en onder leiding van de professor wordt de grafheuvel uitgebreid archeologisch onderzocht. Het graf dateert rond 1800 v.Chr. en was rijk aan grafgiften: twee gouden spiraalringen, een breed en kort zwaard met resten van een schede, negen vuurstenen pijlpunten, bronzen scheermes, een gepolijste slijpsteen van lydiet, een vuurstenen vuurslag en een bronzen, geknikte randbijl. Van de menselijk resten was niets bewaard gebleven.

Dodenhuisje op de grafheuvel van de hoofdman van Drouwen. Foto Davado

De rijkdom aan grafgiften toont aan dat het om een belangrijk persoon gaat met een hoge status vandaar de naam stamhoofd of hoofdman van Drouwen. Bijzonder aan de grafheuvel is dat de hoofdman van Drouwen tussen vier palen van een dodenhuisje lag op het oude oppervlak. In later onderzoek uit 1985 is gebleken dat de ringsloot om de grafheuvel erg breed was.

Grafheuvel van de hoofdman van Drouwen. Foto Davado

Uit het noordwesten van Duitsland zijn meer van deze zogenaamde Sögelgraven gevonden. Zelfs binnen de groep van deze graven is het graf uit Drouwen de rijkste. Duidelijk is dat de hoofdman van Drouwen een belangrijke rol had. Het graf is te plaatsen in de Sögel-Wohldegroep. Het zwaard en het scheermes zijn van het Sögeler type. Het zwaard is het oudste zwaard dat in Nederland bekend is.

Zwaard van de Hoofdman van Drouwen. Tekening: Jouke Nijman.

Dankwoord

De reconstructie is gemaakt en bedacht door Tim Abelen, Jaime van der Heul, Sebastiaan Pelsmaeker, Nikky Kruithof, Sabine van Wijk en Andre van der Poel in 2013.

Een onderdeel van het team: Tim Abelen en Andre van der Poel.

Bronnen

BUTLER, J.J., 1969. Nederland in de Bronstijd. Bussum.
BUTLER, J.J., 1986. ‘Drouwen: End of a “nordic” rainbow?’, Palaeo-historia 28.

Fotografie door Davado.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here