Borger staat bekend als de hunebedhoofdstad van Drenthe. Behalve het grootste hunebed van Nederland heeft het Hondsrugdorp de bezoeker meer te bieden. Voor een liefhebber van bodem, geologie en zwerfstenen is er ook het nodige te zien, te beleven en… te vinden.

Het zal velen zijn opgevallen, langs de oude weg tussen Drouwen en Borger liggen op de nog winterkale akkers grote hopen met zwerfkeien. De stenen zijn bij de oogst in de vorige herfst samen met de aardappels gerooid en op hopen geworpen. Op de akkers rond Borger komen ieder jaar wel zwerfkeien te voorschijn, maar zoveel als dit jaar…? Dat maakt nieuwsgierig.

Onderschrift 001: De Hondsrug is rijk aan noordelijke zwerfstenen. Bij oogstwerkzaamheden komen ze op sommige plaatsen bij duizenden te voorschijn.
Onderschrift 002: De variatie aan steensoorten onder noordelijke zwerfstenen is groot. Met behulp van websites en determinatiegidsen is het goed mogelijk om verschillende zwerfsteensoorten op naam te brengen. Half april verschijnt een fotoboek over noordelijke zwerfstenen met honderden foto’s. Verkrijgbaar in het Hunebedcentrum.

Meer dan in vorige jaren liggen op een tweetal grote percelen akkerland bijzonder veel zwerfstenen. Nadat hier in voorgaande jaren graszoden zijn geteeld, heeft het poten en oogsten van aardappelen afgelopen herfst duizenden stenen uit de ondiepe ondergrond naar boven gebracht. Een dergelijk beeld zie je nog maar zelden in Drenthe. Het Hondsruggebied dat ooit ontzettend rijk was aan ‘keistenen’, is in de afgelopen tientallen jaren op veel plaatsen zo goed als stenenvrij geworden. Een logisch gevolg van intensieve akkerbouw.

Stenen die bij het oogsten uit de akker zijn gerooid, zijn in de meeste gevallen erg vuil. Aanklevend zand is nog het minst erg. Het zijn vooral humuszuren die het poreuze oppervlak van de zwerfkeien bijna onherkenbaar maken. Borstel je de stenen schoon, dan blijft de vervelende bruine kleur. Tijdens de lange regenrijke herfst en winter zijn de stenen aan de buitenkant van de hopen schoon geregend. Regenwater is namelijk een beetje zuur door opname van koolzuurgas uit de lucht. Dit bleekt de buitenkant van de keien. Op dit moment zijn de stenen zo schoon, dat met weinig moeite allerlei steensoorten te herkennen zijn. Uit een van de zwerfsteenhopen kwam de steen van dit verhaal te voorschijn.

003. Gabbropegmatiet. Vuile akkerstenen worden in de loop van de winter door regen dat een beetje zuur is door opgenomen koolzuurgas uit de lucht mooi gebleekt.

Een zeer bijzondere kei

Het asortiment aan steensoorten is onder noordelijke zwerfstenen ongekend groot. Bekijk een hoop stenen van dichtbij en het is duidelijk. In het Hondsruggebied vormen roodachtige rapakivigranieten de meest voorkomende groep zwerfstenen. Daarnaast kom je veel zwerfstenen tegen die je niet direct kunt thuis brengen. Ziet de steen er interessant uit dan neem je hem mee. Wegdoen kan altijd nog.

004. Alandrapakivi is ongetwijfeld de bekendste zwerfsteensoort in het Hondsruggebied.

De steen in dit verhaal is zo’n 15 cm groot. Ik vond hem te midden van honderden andere zwerfkeien. De steen trok de aandacht door een aantal vaag zichtbare vegen en strepen en de donkere kleur. Deze is grijszwart. In het gesteente komen verspreid talrijke onregelmatige korte, soms langwerpige en sliertige insluitsels voor. De grondmassa is van dichtbij erg fijnkorrelig, waarin talloze, nauwelijks 1 mm grote, witte hoekige kristalletjes ’zweven’.

De eerste indruk is die van een ignimbriet, een vulkanisch gesteente met een fluïdale structuur. Het uiterlijk van de steen doet denken aan uitgevloeide en gestolde lava. Veel ignimbrieten bezitten zo’n fluïdale structuur. Na het schoonmaken bleek snel dat we niet met een ignimbriet te maken hebben.

005. Zwerfsteen-impactiet gevonden op een van de stenenrijke akkers bij Borger.

Toch een impactiet?

Als het geen ignimbriet is, wat is het dan wel? De zwerfsteen is een impactiet. Op aarde zijn impactieten zeldzame gesteenten. Ze ontstonden tijdens al even zeldzame gebeurtenissen, namelijk het inslaan van een grote meteoriet. In tegenstelling tot veel ignimbrieten hebben impactieten een onopvallend uiterlijk. Ook in verweerde toestand zijn het onopvallende ‘grijze muizen’. Twee eerder gevonden zwerfstenen van impactiet bevestigen dit beeld.
De zwerfsteen van Borger is aan de buitenzijde donkergrijs van kleur. Van binnen is de kleur diepzwart. Aan de buitenkant zijn talrijke korte, voor een deel iets verlengde of zelfs langwerpige geelbruine insluitsels zichtbaar. Deze zijn door verwering aangetast en liggen enigszins verdiept in het oppervlak. Uit de vorm valt op te maken dat deze insluitsels gesteentefragmenten betreffen, die voor een deel zijn aan- en opgesmolten. Het belangrijkste kenmerk is dat de strepen en insluitsels duidelijk anders zijn dan de bekende fiamme in ignimbriet.

006. Impactiet, detail met sliertige half opgesmolten gesteentefragmenten. De steen maakt een lava-achtige indruk. Zwerfsteen van Borger.
007. Impactiet, detail. De grondmassa is grijszwart met daarin talrijke geelbruine, soms sliertige insluitsels. In de donkere grondmassa zijn talrijke kleine witte veldspaatjes zichtbaar vergezeld van veel kleine aangesmolten steensplinters. Zwerfsteen van Borger.

De grondmassa is zeer fijnkorrelig tot dicht. Verspreid komen talrijke zeer kleine, nauwelijks 1 mm grote kristalletjes voor. Onder de loep blijken het witte, hoekig/idiomorfe veldspaatjes te zijn. Verder komen kleine voor een deel aangesmolten steensplinters voor.

Vergelijking met andere impactietgesteenten en microscopisch onderzoek leiden tot de conclusie dat we met een impactiet te maken hebben. Impactiet is als zwerfsteen erg zeldzaam. Dit houdt mede verband met de kleine voorkomens ervan. Ze ontstaan bij de inslag van een enorme meteoriet. De zwarte kleur van veel impactieten wordt veroorzaakt door fijn verdeelde magnetiet. Magnetiet is een ijzermineraal, dat vrij komt bij het smelten van donkere ijzer- en magnesiumrijke gesteenten, die bij de inslag betrokken waren.

Waar komt deze zwerfsteenimpactiet vandaan?

De herkomst van de zwerfsteen is zonder twijfel Scandinavië. In Noorwegen, Zweden en in Finland zijn op verschillende plaatsen oude tot erg oude littekens van inslagkraters en begeleidende gesteenten gevonden. Ook op de bodem van de Oostzee en de Botnische Golf bevinden zich hoogstwaarschijnlijk een of meer inslagkraters. De bedekking door zeewater maakt dat deze kraters tot dusver onbekend zijn en ook niet onderzocht kunnen worden

008. In het Siljanmeer in de provincie Dalarne in Midden-Zweden is een oude inslagkrater ontdekt. In de nabijgelegen gesteenten zijn inslagbreccies gevonden en gesteenten met drukkkegels.
009. Siljanmeer in Midden-Zweden.

Momenteel zijn ruim twintig inslaglocaties bekend. De meeste (10) komen in Finland voor. In Zweden zijn zeven locaties bekend. In Noorwegen zijn maar op drie plaatsen inslagkraters ontdekt, waarvan die van Gardnos in Zuid-Noorwegen de bekendste is. Noorwegen komt als mogelijke herkomst niet in aanmerking. De beweging van het landijs in de Saale-ijstijd was zodanig, dat uit dit gebied geen zwerfstenen zijn te verwachten.
Finland komt waarschijnlijk ook niet in aanmerking. Op één na bevinden alle inslagkraters zich op het vasteland. Deze locaties lagen in de Saale-ijstijd buiten het bereik van het landijs dat zwerfstenen naar ons land vervoerde. De enige impactkrater met kans op zwerfstenen in het Hondsruggebied, ligt op Aland, in het uiterste zuidwesten van Finland. Het Lumparnmeer op dit grote eiland, markeert de plaats van inslag. Mogelijk dat beide rapakivibreccies in dit artikel hiervandaan afkomstig zijn.

010. In het zuidwesten van Finland markeert het Lumparnmeer op het hoofdeiland van Aland een miljoenen jaren oude inslagkrater. Rapakivigesteenten die rond het meer ontsloten zijn zijn op veel plaatsen door druk omgezet in rapakivi-breccies.

 

011. Breccie van rapakivigraniet. De oorspronkelijke graniet was een pyterliet. Dit is een fraai rood grootkorrelig rapakivigesteente.

Het gesteente is door druk volkomen verscherfd tot breccie. Blijft over Zweden. Waarschijnlijk moet hier de herkomst van de zwerfsteen van Borger gezocht worden. Van een precieze locatie is weinig te zeggen. Mogelijk dat het Dellenmeer, zuidelijk van de stad Sundsvall in Noord-Zweden, de plaats van herkomst is. In het Hondsruggebied komen in verhouding veel zwerfsteensoorten voor uit Noord-Zweden. Het gezelschap zwerfstenen rond Borger heeft een Oost- en Noordbaltisch karakter. Zwerfstenen uit het noordelijk gelegen Zweeds Lapland komen op de Hondsrug zelfs vrij algemeen voor. De herkomst van de impactietzwerfsteen uit de omgeving van het Dellenmeer is daarom niet uitgesloten.

012. Zicht op Dellensee in Noord-Zweden. Het meer markeert de inslag van een reuzenmeteoriet in het verleden. De zwerfsteen van Borger zou in de Saale-ijstijd hiervandaan kunnen zijn gekomen. Zeker is dit allerminst.

Wat gebeurt er bij een inslag?

Gewone ijzer- of steenmeteorieten vallen met de normale valsnelheid op aarde. De reis door de dampkring remt ze af in hun vaart. Door de wrijvingshitte die daar bij optreedt, smelt en verdampt een deel van de meteoriet. Grote meteorieten hebben hier geen last van. Deze worden niet of slechts weinig door de dampkring afgeremd. Zij slaan op aarde in met een snelheid van vele tientallen kilometers per seconde. De korte snelle reis door de atmosfeer heeft echter rampzalige gevolgen.

De energie die bij de inslag vrijkomt, wordt in een fractie van een seconde omgezet in warmte. Dit is jaren geleden op de planeet Jupiter waargenomen. Daar veroorzaakte een enorme, in stukken gebroken komeet, voor een serie spectaculaire explosies. Deze inslagen zijn met telescopen waargenomen en gefotografeerd. Ze lieten donkere verkleuringen na in de atmosfeer van Jupiter, die nog wekenlang zichtbaar bleven.

013. Bij de inslag van een honderden meters of zelfs kilometers grote meteoriet, spreken we van de inslag van een planetoïde. De energie van dit enorme brok hemelpuin wordt in een fractie van een seconde omgezet in warmte. Meteoriet en onderliggend gesteente verdampen in een fractie van een seconde. Hierbij ontstaan o.m enorme drukgolven. Plonst zo’n brok hemelpuin in zee dan ontstaan gigantische vloedgolven.

Slaat een enorme meteoriet op aarde in dan wordt een kilometersgrote krater geslagen. Gesteenten worden tot op honderden meters diepte verbrijzeld. Van de meteoriet en het gesteente op de plaats van inslag blijft niets over. Deze verdampen binnen een fractie van een seconde. In een brede zone eromheen smelten gesteenten voor het grootste deel. Na stolling hiervan herinnert weinig tot niets aan het oorspronkelijke gesteente. Er is een gesteente ontstaan dat sueviet genoemd wordt. Sueviet is een poreus gesteente met verspreid daarin grote en kleinere flarden en klodders obsidiaan, omgeven door volkomen verbrokkeld en weer aaneengekit gesteentepuin. Sueviet lijkt veel op een vulkanisch gesteente.

014. De inslag van een ca. 11 km grote planetoïde op het schiereiland Yucatan in Mexico op het eind van de Krijt-periode had wereldwijde verwoestingen tot gevolg. De inslagkrater die ontstond heeft een diameter van ca. 200 km! Het uitsterven van dinosauriers werd hierdoor veroorzaakt. Overigens stierven vrijwel alle dieren uit groter dan een hond, ook die in zee .

Nog verder van het inslagpunt bewaren gesteenten weliswaar hun voornaamste kenmerken, maar door de enorme druk zijn in het gesteente typisch kegelvormige patronen ontstaan, zogenaamde drukkegels. De punten van drukkegels wijzen in de richting van de inslag.

Drukkegels zijn goed herkenbaar. Bijzonder is dat niet zo lang geleden, tijdens een zwerfsteenexcursie naar Zuidoost-Drenthe, een grote granietkei is gevonden, waarin een aantal zeer fraaie puntzakvormige drukkegels aanwezig waren. De steen was ook nog eens een gidsgesteente, namelijk een porfierische Kökargraniet. Ergens in het kleine rapakivigebied van Kökar, zuidoostelijk van de Alandeilanden in Zuidwest-Finland, moet dus een inslagkrater aanwezig zijn. Overblijfselen van deze inslag liggen vermoedelijk op de bodem van Oostzee, anders waren deze ongetwijfeld gevonden.

015. In Zuid-Drenthe is een grote zwerfsteen van porfierische Kökargraniet gevonden met merkwaardige puntige structuren erin. Dit blijken drukkegels te zijn, veroorzaakt door de inslag in het verre verleden van een enorme meteoriet. De herkomst van de steen is Kökar, een eiland-archipel in de Oostzee in Zuidwest-Finland. De overblijfselen van de bijbehorende krater en kratergesteenten liggen onder water op de bodem van de Oostzee.

Op het hoofdeiland van Aland, op de grens van de Oostzee en de Botnische Golf ligt Lumparn. Lumparn is een opmerkelijke, in omtrek ietwat rondachtige inham van de Oostzee. Het Lumparnmeer is ook een oude inslagkrater. Hoe oud is niet bekend. In de onmiddellijke omgeving komen veel rapakivigesteenten voor die volkomen gekraakt en verscherfd zijn tot typische breccies. Van deze inslagbreccies zijn met grote waarschijnlijkheid op de Hondsrug ook zwerfstenen gevonden.

016. Breccie van Alandrapakivi. De oorspronkelijke rapakivigraniet met zijn bekende geringde veldspaten is volkomen verbrijzeld. Slechts op detailniveau is te zien dat het om een Alandrapakivi gaat. Zwerfsteen van Groningen.

Samen met de kort geleden gevonden impactiet bij Borger illustreren deze Hondsrugzwerfstenen alles verwoestende gebeurtenissen, die zich in een ver verleden in Zweden en Finland hebben afgespeeld. Hoewel de inslag van een reuzenmeteoriet zich op ieder moment kan voordoen, is de kans hierop bijzonder klein. Men heeft berekend dat de inslag van een reuzenmeteoriet zich gemiddeld eens in de 26 miljoen jaar voor doet. Sinds de laatste verwoestende inslag in Zuid-Duitsland, zo’n 14,5 miljoen jaar geleden, zijn we al een aardig eind op weg….

1 REACTIE

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.