Ode aan het Hunebed
Hunebedden zijn niet stoffig, hunebedden leven”


Ode aan het hunebed. Een boek met foto’s van hunebedden. Met deze kale omschrijving doe je het werk van fotografe Karin Broekhuijsen te kort. Twee jaar lang werkte ze met een enorme toewijding aan dit boek. En nu ligt het er. Het boek heeft ze opgedragen aan haar twee kleinzoons Alexander en Jonathan. Ik sprak haar vlak voor de boekpresentatie in haar studio. Bij elke foto die ze toont, fonkelen haar ogen en ratelt haar brein onophoudelijk door.

Een niet te stoppen passie voor deze grote flinten heeft geleidt tot dit schitterend boekwerk, vol met de meest kunstzinnige foto’s van deze prehistorische geraamten. Het begon allemaal in 2017.
In het voorjaar 2017 begon ik zo af en toe een hunebed te fotograferen. Al had ik er toen nog niet alle tijd voor. In december van dat jaar brak ik mijn hand, maar wilde ik persé verder met mijn hunebedden. Mijn man moest me vier maanden rondrijden, want dat ging niet alleen. In alle weertypen, op alle momenten van de dag en in alle vier seizoenen, heb ik hunebedden bezocht.”

We scrollen samen door de digitale proefdruk heen. Door alle 52 Drentse D’s. Bij elk hunebed heeft ze een verhaal. D15 in het ochtendrood, D5 kon alleen bij daglicht, D36 enkel in de zomer en D15 heeft de mooiste luchten. Wat was nu het idee achter het boek?
“Hunebedden zijn onbewogen, maar alles daar omheen verandert. Ik wilde een tijdsbeeld vastleggen met de hunebedden als hoofdrolspelers. Voor volgende generaties, voor mijn kleinkinderen in het bijzonder. Wie weet liggen sommige hunebedden over vijftig jaar wel in een woonwijk, zijn er geen bomen meer te vinden. Misschien zien we door de opwarming van de aarde wel nooit meer hunebedden in de sneeuw. Met oude prenten zie je al grote verschillen, niet in die stapel stenen, maar in alles er omheen.”

“D7 heeft schitterende korstmossen. Al die verschillende kleuren groen, prachtig. Vooral in die winter, dan zijn die kleuren spectaculair.”
De fotografe geniet van elke foto. De fotograferen van hunebedden heeft haar leven lang in de greep gehad. Het beheerste zelfs haar slaapritme. “Ik heb een app waarop ik kan zien wanneer de zon ondergaat bij  bijvoorbeeld D15 of wanneer de zonsopkomst D21 verlicht. Niet elk hunebed ligt in het maanlicht, dat heb ik eerst allemaal uitgezocht. Is het dan volle maan, dan weet ik naar welk hunebed ik ga. Ik weet ze inmiddels allemaal blindelings te vinden en heb steeds gezocht naar de schoonheid van elk hunebed.”

Licht. Voor veel mensen niet veel meer dan; tijd om op te staan. Voor Karin de perfecte partner voor haar zoektocht naar de schoonheid van het hunebed. Strooilicht of strijklicht, een leek zegt het niets. Wat doet licht met een hunebed?
“Ik wilde hunebedden anders fotograferen dan normaal wordt gedaan. Dus zocht ik naar kunstzinnige frames. Daarbij kan de kleur van het licht die stenen totaal veranderen. Neem nu het ochtendlicht, in dit licht heeft alles een andere kleur dan een paar uur later. Zo kan het lijken op de herfst terwijl het midden in de zomer is. Spelen met al dat licht, al die verschillende uitwerkingen van licht, dat is zo ontzettend leuk. Het maakt een foto uniek. Je kunt er nooit meer precies naar terug. Of het nu in bepaald avondrood, tijdens een sneeuwbui of met bepaald maanlicht, licht legt de schoonheid bloot.”

Hoe beleef je zulke momenten bij een hunebed?
“Dat is echt waanzinnig. Ik was eens onderweg naar D26 en kwam lang het tweelingenhunebed D19 en D20. Het was mistig en de zon scheen er met een paar stralen doorheen. Ik kon mijn geluk niet op. Anderhalf uur heb ik daar rondgedwaald. Hoe die stenen het beeld in lopen, hoe die zonnestralen de stenen omarmen. Het is echt een sensationeel. De sensatie van al enige aanwezig zijn en als enige het vastleggen. En je hebt er een aantal fotogenieke hunebedden bij hoor!”

Ode aan het hunebed is niet een serie hunebedden vastgelegd op eenzelfde manier. Elke foto is een ode aan het betreffende hunebed.
“Ik zoek variatie in seizoenen en in momenten van de dag. Ik benader elk hunebed op een andere manier, dat straalt denk ik ook van het boek af. Ik wil maar zeggen; hunebedden zijn niet stoffig, hunebedden leven. Soms praat is haast met ze. Ik zwaai D42 gedag vanaf de snelweg, mijmer over de prehistorie en geniet ik van het hedendaagse leven om de hunebedden heen.”

De passie spat er van af bij Karin. De hunebedden liggen haar dicht aan het hart. Dat merk je wanneer je door haar boek bladert. En dan rijst gelijk ook de vraag: Kun jij wel zonder hunebedden?
“Dat vind ik een lastige vraag. Ik kan ze maar moeilijk loslaten. Op één of andere manier kom ik altijd weer bij een hunebed terecht. Ik weet dat ik niet de rest van mijn leven alleen maar hunebedden kan fotograferen, maar ik laat ze niet in de steek.”


Ode aan het Hunebed is het beeldschone oog van Karin, natuurlicht en de mystieke uitstraling van de Drentse hunebedden. Samen volbrengen zij de ode. En terwijl de aarde door de tijd reist, liggen in Drenthe steeds en altijd de hunebedden op haar rug. Karin Broekhuijsen laat ons zien dat het parels van plekken zijn.

Hunebed D37 met op de achtergrond links hunebd D36

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.