Duizendblad staat bekend om zijn geneeskrachtige eigenschappen (foto: Saxifraga/Jan van der Straaten)

Als Neanderthaler in de oertijd was je je leven niet zeker. Een gebroken arm of been, gebroken ribben, een schedelbreuk. Uit de overblijfselen die archeologen gevonden hebben, blijkt dat dit dagelijkse kost was.

Diezelfde overblijfselen laten ook zien dat menig Neanderthaler zijn verwondingen overleefde. Een teken dat zijn metgezellen de gewonde hielpen, verzorgden en te eten gaven. Hun kennis over medicinale planten en wondverzorging hielp hen daarbij.

Plantenresten in tandsteen

De El Sidrón-grot in Noord-Spanje is een belangrijke archeologische vindplaats. Hier zijn 50.000 jaar oude overblijfselen gevonden van tenminste dertien Neanderthalers. Uit de analyse van het tandsteen van enkele van hen blijkt dat zij populier, duizendblad en kamille aten. Planten die bekend staan om hun ontstekingsremmende eigenschappen. Het ligt voor de hand dat Neanderthalers deze kruiden innamen als medicijn en niet als voedsel omdat ze bitter smaken en nauwelijks voedingswaarde hebben.

Primitieve wondverzorging

Door de jaren heen hebben archeologen een behoorlijke verzameling botten gevonden. Vaak laten die botten geheelde breuken zien. Zonder dat er sprake is van overduidelijke misvormingen, wat kan duiden op het gebruik van spalken. Veel van de wonden zullen bovendien bloedverlies veroorzaakt hebben en infectiegevaar. Dat de gewonden het desondanks overleefd hebben, wijst erop dat Neanderthalers wisten hoe zij een wond moesten verzorgen. Mogelijk maakten zij hiervoor gebruik van dierlijke producten. Net als de Inuit die vandaag de dag nog steeds de huid van lemmingen gebruiken om wonden te verbinden.


Neanderthalers jaagden op groot wild zoals mammoeten

Evolutionair belang gezondheidszorg

De gewonden en zieken die anders ten dode opgeschreven waren, overleefden dus dankzij de zorg van hun groepsgenoten. Deze zorg was ‘kostbaar’; het kostte waardevolle tijd en inspanning om iemand te verzorgen en eten te geven die daar zelf weinig voor terug kon doen. Tijd die ook aan je eigen belangen besteed kon worden. Daarom wordt dit vaak gezien als onbaatzuchtig gedrag. 

Volgens Penny Sipkins van de Universiteit van York in Engeland was het verlenen van zorg juist cruciaal voor het voortbestaan van de Neanderthaler als soort. Het kan gezien worden als een aanpassing aan de omgeving waarin hij leefde. De Neanderthalers moesten zich staande zien te houden in een riskante en onvoorspelbare wereld met wisselende temperaturen en regenval. In het noorden van Europa en Azië jaagden zij op groot wild zoals buffels, herten en paarden en zelfs op wolharige neushoorns en mammoeten. In zuidelijker gebieden zaten ze achter steenbokken aan. In beide gevallen bracht de jacht grote kans op verwondingen met zich mee. Dankzij de zorg voor hun gewonden, hielden de Neanderthalers het vol en waren zij in staat om zich lange tijd te handhaven in een uitgestrekt gebied vol gevaar en ontberingen.

Bronnen

Hardy, K. et.al. (2012). Neanderthal medics? Evidence for food, cooking, and medicinal plants entrapped in dental calculus. Naturwissenschaften, 99(8): 617-26

Robson, D. (2018). Neanderthals Suffered a Lot of Traumatic Injuries. So How Did They Live So Long? The Atlantic

Spikins, P. et.al. (2018). Living to fight another day: The ecological and evolutionary significance of Neanderthal healthcare. Quaternary Science Reviews

Weyrich, L.S. et.al. (2017). Neanderthal behaviour, diet, and disease inferred from ancient DNA in dental calculus. Nature, 544 (7650): 357-361

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.