Meerdere napjes op een van de grafstenen van het grafveld Balnauran of Clava in de buurt van Inverness in Schotland (foto: Wikimedia Commons)

Het neolithicum of jonge steentijd is de prehistorische periode waarin de overgang plaatsvond van een bestaan als jager-verzamelaar naar een sedentair boerenbestaan. Dankzij opgegraven voorwerpen uit deze periode hebben we een idee hoe dat nieuwe leven eruit zag. Al roepen sommige objecten juist vragen op, zoals in het geval van de mysterieuze napjesstenen.

In Noordwest-Europa begon de jonge steentijd rond 5.300 v. Chr. Belangrijke innovaties waren het gebruik van nieuwe gereedschappen zoals geslepen bijlen en het bakken van aardewerk. In Noord-Nederland waren het de mensen van de Trechterbekercultuur – van ca. 4350 tot 2700 v.Chr. – die zich settelden in min of meer permanente nederzettingen en een primitieve vorm van landbouw bedreven. Hun naam danken zij aan de karakteristieke vorm van het aardewerk dat zij gebruikten.

Een napjessteen afkomstig uit Steenwijkerwold in Overijssel (foto: Wikimedia Commons)

Napjesstenen
Behalve trechterbekers h hebben archeologen ook bijlen en pijlpunten gevonden, kubusstenen – mogelijk gebruikt voor het vlakstrijken van muren – en napjesstenen of schaalkuiltjes. Napjesstenen zijn natuurstenen, meestal zwerfstenen, met een of meerdere kunstmatige komvormige instulpingen. Ze komen vooral veel voor vanaf het late neolithicum en zijn op verschillende plekken in Europa teruggevonden.

Prehistorische vijzel
Misschien zijn napjesstenen maalstenen en werden ze gebruikt voor het vermalen van kruiden, zaden of noten. Al spreekt de niet zo gladde bodem van de kommetjes deze theorie tegen. Misschien zijn het voorlopers van de vijzel en werden ze gebruikt om kleurpigmenten te maken of geneeskrachtige kruidenmengsels te bereiden.

Uiteenlopende toepassingen
Experts denken dat napjesstenen samenhangen met de introductie van de landbouw in Europa en mogelijk deel uitmaakten van vruchtbaarheidsrituelen of rituele offers voor de voorouders. Misschien waren het offerschalen. Ook is geopperd dat ze gebruikt werden om water op te vangen waar geneeskrachtige eigenschappen aan toegekend werden. In sommige gevallen lijken de instulpingen op een sterrenkaart of het zijn mogelijk geografische markeringen. Misschien betreft het rotskunst. Archeologen zijn er nog niet over uit.

Hunebedden
Opvallend is dat de napjes of cup marks zoals ze in het Engels heten, vaak voorkomen op de sluit-, draag- en dekstenen van dolmen. In de jaren tachtig van de vorige eeuw vond de Deense archeoloog Petersen zes napjes op hunebed D16, een van de grotere hunebedden aan de rand van natuurgebied Kampsheide bij Balloo.

Tijdens haar onderzoek in 2019 stelde Mette van de Merwe vast dat op zes en mogelijk zeven Drentse hunebedden napjes te vinden zijn. D16 blijkt het hunebed met de meeste napjes, Van der Merwe ontdekte in totaal tien napjes. Op D12, een van de kleinere hunebedden ten zuidwesten van Eext, zijn zeven napjes zichtbaar. Op D35, het hunebed aan de noordzijde van het Valtherbos, is slechts één napje zichtbaar. Ook de functie van de instulpingen op de bouwstenen van deze prehistorische grafkamers is onbekend.

De napjes op D12 bevinden zich in twee parallelle lijnen (foto: Mette van de Merwe 2019)

Bronnen
Kijk eens omlaag – Neolithicum

Een zoektocht naar cup marks op de Nederlandse hunebedden – Mette van de Merwe (2019)

Portals to other realms. Cup-marked stones and pre-historic rock carvings – Gary R. Vamer (2012)

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.