De 40 meter lange gang in de dolmen de Soto

Langs de Atlantische kust van West Europa, van Zuid-Spanje via Bretagne en Engeland tot hoog in Schotland zijn monumentale megalieten uit de steentijd (5000-2500 BC) te vinden.  Het zijn restanten van een hoogontwikkelde cultuur die ouder is dan de oudste Egyptische piramides. Men was in de steentijd al in staat om megalieten met grote bouwkundige en astronomische precisie te realiseren. Met de opkomst van metalen (tussen 3000 en 2500 BC) eindigt geleidelijk de steentijd en de bouw van megalieten.  Van de metalen is eerst koper dominant (de kopertijd), maar snel gaat dat over in de bronstijd (2500-1000 BC). Brons is een legering van koper met arseen, lood en later voornamelijk tin.

De Ruta dolmenica

In oktober 2019 bezochten we de Atlantische kuststreek van Zuid-Spanje, grenzend aan Portugal. Het doel was een beeld te krijgen van zowel megalieten uit de steentijd als van de mijnbouw in het latere metalentijdperk, de bronstijd in het bijzonder. Dit gebied lijkt langdurig intensief bewoond te zijn geweest in de prehistorie zoals blijkt uit de grote aantallen dolmen en mijnen

Tot onze verrassing is er een route van de havenstad Huelva naar de heuvels van de Sierra Morena met de mijnbouw. Deze route heeft nu als naam “Ruta dolmenica” (afb 1). Deze route is bijzonder omdat er langs de route vele dolmens én mijnen zijn gevonden. De dolmens duiden op bewoning in de steentijd, terwijl de mijnbouw van een latere datum is.

Elke 10-15 kilometer is er wel een plek met dolmens en/of mijnbouw. De route is circa 60 km lang en volgt het tracé van de N 435, de weg naar het noorden. Langs dit tracé staan borden naar de megalieten. Recent is de weg ten dele vernieuwd, maar de borden zijn (tot nu toe) niet verplaatst.

Tijdens onze tocht langs de Ruta dolmenica ontdekken we dat de route onderdeel is van een veel langere route die door het hele grensgebied van Zuid-Spanje en Zuid-Portugal loopt. De route is onderdeel van een grensoverschrijdend streekproject van de Cooperiza Transfronteriza uit 2015. Het is spijtig dat alle borden bij de monumenten grotendeels verweerd zijn en daardoor vrijwel onleesbaar. Sommige Spaanse tekst is met moeite leesbaar.

We beschrijven eerst het beginpunt, de omgeving van de stad Huelva en de vondsten die daar gedaan zijn. Daarna de ligging van Huelva en de Ruta dolmenica tussen de 2 grote rivieren Rio Odiel en Rio Tinto. Vervolgens gaan we op reis, noordwaarts langs de Ruta dolmenica.


Afb. 1. De aanvoerroutes van ertsen via de rivieren van de mijnen in de bergen naar Huelva.
      Gestippeld is de Ruta dolmenica over land met op korte afstanden dolmens en mijnen.

Huelva en omgeving

Huelva ligt op een schiereiland omgeven door twee zeearmen, waarin de rivieren Rio Odiel (westzijde) en Rio Tinto (oostzijde) uitmonden. Deze zeearmen komen net ten zuiden van het schiereiland met Huelva samen (afb. 2). Rond 1500 BC, het hoogtepunt van de bronstijd, was er waarschijnlijk een nederzetting voor ambachtelijke activiteiten (ertssmelterijen, zuiveren van metalen, maken van objecten)) en een handelscentrum. In en rond Huelva zijn verscheidene plekken gevonden die als mijnen en smeltovens uit de bronstijd zijn geïdentificeerd. Deze waren helaas niet te bezoeken.

In Huelva zelf zijn uit de latere Phoenicische tijd (vanaf 1000 BC) ook tal van vondsten gedaan. Een belangrijke vindplaats is de heuvel midden in Huelva, de Cabeza de la Joya. Daar zijn tal van tombes en resten van gebouwen gevonden. Deze hebben we niet kunnen bezoeken omdat een bezoek alleen onder leiding van een gids mogelijk is op 1 of 2 momenten per week (na reservering).

In de monding van de Rio Odiel is in 1923 een grote verzameling bronzen voorwerpen en wapens gevonden uit de bronstijd. Verder zeewaarts zijn er recent kleine bronzen beeldjes gevonden. Deze zijn waarschijnlijk door zeelui over boord gegooid om een veilige vaart te vragen aan de goden.

Vrij recent zijn er in het moerasgebied Aljaraque aan de westzijde van de Rio Odiel tegenover Huelva verschillende vondsten gedaan die wijzen op bewoning en activiteiten in de bronstijd (afb. 2).

Huelva heeft een klein museum waar een mooi overzicht wordt gegeven van de vondsten uit de verschillende perioden van de prehistorie.

Afb. 2. De delta van de Rio Odiel en Rio Tinto met Huelva op het schiereiland. De vindplaats 
Aljaraque aan de westzijde van de Rio Odiel. De vindplaats van bronzenvoorwerpen midden in de Rio Odiel. Reconstructie van de situatie in de bronstijd  (museum Huelva).

Rio Tinto en Rio Odiel

Beide rivieren ontspringen in de Sierra Morena en monden uit in de zeearmen die het schiereiland waarop Huelva ligt, omgeven. De rotsen in en om beide rivieren zijn vanaf de bron tot aan Huelva rood gekleurd van het neergeslagen ijzersulfaat (afb. 3). Het is niet ondenkbaar dat de ertsen, gedolven in de heuvels rond de Sierra Morena, via de rivieren zijn vervoerd naar de werkplaatsen in en om haven van Huelva. Goud, zilver en koper waren zonder meer de belangrijkste metalen met een hoge handelswaarde. Maar het is ook mogelijk dat de ertsen of producten via het land (de route van de Ruta dolmenica) zijn afgevoerd naar Huelva.

Afb. 3. Het rode ijzersulfaat in de Rio Tinto ter hoogte van Niebla, circa 10 km van Huelva.

Dolmen de Soto

We beginnen onze reis noordwaarts met een bezoek aan de enorme Dolmen de Soto (3000-2500 BC). De dolmen ligt circa 10 km ten noorden van Huelva ter hoogte van Trigueros. In Trigueros gaan we bij het enige stoplicht rechtsaf en rijden enkele kilometers in oostelijke richting. Daar bevindt zich dan de imposante dolmen de Soto. Er is een ondergronds informatiecentrum met veel informatie in het Spaans over de vele dolmens in de omgeving. De dolmen is prachtig gerestaureerd. Het is een hoog gelegen dolmen met een cirkelvormige plattegrond (zie afb. 4). De dolmen is afgedekt door aarde waardoor het beeld ontstaat van een lage heuvel. Bij de enige ingang begint een ondergrondse gang van circa 40 meter. Deze gang is circa 1.50 meter breed en heeft aan elke zijde grote gladde staande stenen van 1.75 tot 2.00 meter hoog. De gang is afgedekt met enorme platte stenen (afb. 5). Het is vanaf het begin tot het eind mogelijk om rechtop door de gang te lopen, alleen de ingang is wat lager. De gang eindigt in een grotere ruimte van circa 4×4 meter en is daar zeker 3 meter hoog. Er zijn geen aanwijzingen te vinden over het vroegere gebruik van deze dolmen en de centrale ruimte aan het eind. Op de stenen langs de wand zijn tal van tekeningen te vinden in laag relief (afb. 6). De toegang van de dolmen is gericht op het oosten.

Afb. 4. De dolmen de Soto
Afb. 5. De 40 meter lange gang in de dolmen de Soto
Afb. 6. Eén van de tekeningen op de stenen wand van de gang van de dolmen de Soto

Dolmen Labradillo

Enkele kilometers noordelijker slaan we rechtsaf een zeer slechte onverharde landweg op in oostelijke richting. Alleen dankzij onze hogere auto hebben we de tocht aangedurfd. De enige boer die wij na enkele kilometers zwoegen langs de weg spraken (nou ja spreken: hij Spaans en wij Engels of Nederlands) kende de dolmen de Labradillo. We waren er vlakbij. Hij wees ons een bosje boven op een heuvel en een smal toegangspad. Wij troffen in dat bosje de restanten van een dolmen aan, ook met de opening naar het oosten met een mooi uitzicht op de omgeving.

Dolmens van Los Gabrielos

Weer iets noordelijker liggen de dolmens van Los Gabrielos. Door een bos loopt een veel betere aarden weg een aantal kilometers naar de plek met de 4 dolmens, op een hoog punt met mooi uitzicht. De toegang van de dolmens is weer oostwaarts gericht (afb. 7).

Afb. 7. Eén van de dolmens bij Gabrielos

Mijn van Buitron

Iets noordelijker, maar nu aan de westkant van de weg N435, ligt het plaatsje Buitron. Vanaf de zijweg naar Buitron is links de berg zichtbaar die duidelijk sporen toont van mijnbouw (afb. 8). Hier zou in de prehistorie kopererts zijn gedolven.

Afb. 8. De mijn van Buitron

Dolmens van Pozuelo.

We vervolgen de (nieuwe) N435 en komen na ca 10 km aan in het kleine dorpje Pozuelo. Hier begint en eindigt een rondweg langs 10 dolmens, verdeeld in 2 groepen. In de eerste groep staan 4 dolmens, elk op een heuvel met de opening naar het oosten. Eén is iets groter dan de anderen en staat op de hoogste heuvel, ook weer met een mooi uitzicht naar het oosten. Direct ernaast een tweede dolmen  (afb. 9). Op de rondweg terug naar Pozuelo treffen we nog een aantal dolmens aan, sommige met één uitgang en 2 kamers (afb. 10).

Afb. 9. De 2 hoogst gelegen dolmens bij Pozuelo

Afb 10. Dolmen met 2 kamers te Pozuelo

Mijn van Chinflon, vlakbij de dolmens van Pozuelo

Hoog op een heuvel direct boven de eerste 4 dolmens vinden we de resten van de kopermijn Chinflon (afb. 11). De locatie is direct langs de weg naar de dolmens, maar hoger gelegen waardoor het moeilijk te vinden is. Te voet beklimmen we de heuvel en komen aan bij de mijn. De plek is helemaal met hoog gaas omgeven en de zichtbare ingangen zijn niet toegankelijk. Sommige vondsten uit deze mijn zijn in het mijnmuseum van Nerva tentoongesteld.


Afb. 11. De ingang van de mijn van Chinflon

De petroglyfen van Aulasager

Deze hebben we niet kunnen vinden. Het toeristenbureau van het betreffende plaatsje Zalamea de Real gaf wel een telefoonummer voor een gids. Maar er kwam geen reactie.

Het mijngebied van RioTinto

Dit mijngebied bevindt zich bij de plaats Nerva in de heuvels van de Sierra Morena. Verspreid zijn ook hier sporen te vinden van nederzettingen en oude mijnen. Waarschijnlijk is een flink deel verloren gegaan door de massale vergravingen van de heuvels voor ertswinning. Dat gebeurt, sedert de oudheid, nu nog steeds op grote schaal (afb. 12).

In het mijnmuseum van Nerva wordt een mooi overzicht gegeven van de mijnbouw in de laatste eeuwen. In een kleine afdeling zijn vondsten uit de bronstijd samengebracht zowel uit de mijn van Chinflon als van andere mijnen. Te zien zijn bijvoorbeeld potscherven, een deel van een houten ladder (om in de diepe mijn te komen), een kniebeschermer van kurk, stenen hamers en gepolijste bijlen van mijnwerkers. Ook zijn er tekeningen van smeltovens waarop te zien is hoe de ertsen werden gesmolten. En onder welke omstandigheden de arbeiders de ovens moesten bedienen.

Afb. 12. De huidige grootschalige mijnbouw in Rio Tinto bij Nerva.

De Ruta dolmenica geeft een verrassend beeld

Het is wel duidelijk: langs de Ruta dolmenica hebben duizenden jaren mensen gewoond en gewerkt. De dolmens zijn daarvan de oudste tekenen: zeker vanaf 3000 BC. Daarna mijnactiviteiten in latere perioden tot in de Phoenicische tijd toe. De route geeft een mooi beeld van de overgang van de steentijd naar de bronstijd en uiteindelijk de vroege ijzertijd (met de Phoenicische vondsten).

Het is voorstelbaar dat Huelva vroeger een belangrijk centrum is geweest voor de handel in goud, zilver en koper met handelaren uit het oosten van de Middellandse zee.

Tot slot

De monumenten langs de Ruta dolmenica zijn vanuit Huelva in één dag te bezoeken. Dit vraagt wel een goede voorbereiding. In een aantal gevallen is het verstandig afspraken te maken om bepaalde monumenten te zien. Dat is zeker het geval in de buurt van Zalamea de Real voor de petroglyfen. Wij hebben zelf de route gereden. Spannend en leuk, gelukkig met voldoende water en voedsel bij de hand……en met enige moeite bijna alles gevonden!

Henk en Tineke van Oosten

15 augustus 2020

Literatuur: de referenties voor de monumenten zijn te vinden op internet en in het boek:

De Trojaanse tin-oorlog en Odysseus’ oceaanroute ISBN 9 789402142624. Zie ook : https://www.hunebednieuwscafe.nl/2020/08/trojaanse-tin-oorlog-en-odysseus-oceaanroute/


Verantwoording afbeeldingen

Afb. 1: tekening Robert van Raffe

Afb. 2: reconstructietekening museum Huelva (foto Henk van Oosten)

Afb . 3-11: Henk en Tineke van Oosten

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.