Figuur 7: De heuvel van Pottiesbargien van bovenaf gezien. De plek van de oorspronkelijke hunebedingang staat in het midden van de foto

In de categorie ‘mijn hunebed’ nodigen we mensen uit te schrijven over hun persoonlijke ervaringen met hunebedden. Hier een verhaal van Pierre van Eijl.

Het verdwenen hunebed bij Pottiesbargien

Niet alle hunebedden die in Nederland gebouwd zijn, bestaan meer. Ze zijn ooit afgebroken en de stenen zijn gebruikt als bouwmateriaal en voor versterking van dijken. Zo ook het hunebed D52a dat een half uur lopen van Diever ligt en dat we na wat zoeken vonden (zie figuur 1). Die plek is bekend als Pottiesbargien wat potjesberg betekent.

Figuur 1: De plek van het verdwenen hunebed is gevonden.

Hier zijn heel veel scherven van potten gevonden. Uit archiefstukken (Wikipedia) blijkt dat in 1735 het toenmalige hunebed (D52a) is verkocht en gesloopt. Op de plaats waar het hunebed gestaan heeft, is in 1929 nog archeologisch onderzoek gedaan door prof. Van Giffen van de Rijksuniversiteit Groningen. Hij wist de plekken te achterhalen waar de stenen van het hunebed gestaan hebben (zie plattegrond figuur 3) en vond potscherven. Later in 1988 is door J.N. Lanting, eveneens van de Rijksuniversiteit Groningen, verder onderzoek gedaan en zijn er nog veel meer potscherven gevonden. Alles bij elkaar zijn er 15.800 scherven van aardewerk gevonden, 9 barnstenen kralen, 88 pijlpunten, 7 schrabbers (schrapers) en een stenen bijl. Dit soort vondsten zijn typisch voor plekken waar een hunebed staat. Het hunebed is volgens het informatiebord (zie figuur 1) 5000 jaar geleden gebouwd. De weg waaraan Pottiesbargien ligt heeft de toepasselijke naam hunebedweg gekregen.

Energetische sporen?

Maar is van dit hunebed niet nog meer te ontdekken door de hunebedplek energetisch te onderzoeken? Met energetisch wordt hier metafysische energie bedoeld die niet fysiek is zoals elektriciteit, maar die gevoeld kan worden als je daarvoor gevoelig bent. Tijdens mijn bezoek aan Drenthe voor een wandelvakantie met een wandelvriendin, ben ik daarom deze hunebedplek gaan opzoeken in de hoop dat daar nog wat meer te ontdekken valt.

Figuur 2: Pottiesbargien met de heuvel waar het hunebed D52a gestaan heeft

Op de foto in figuur 2 staat de hunebedplek waar in de vorige eeuw een heuvel is opgeworpen die waarschijnlijk lijkt op de vroegere dekheuvel van het hunebed. Op het informatiebord bij Pottiesbargien staat ook een plattegrond van het oorspronkelijke hunebed zoals uit onderzoek van Van Giffen in 1929 naar voren kwam. De huidige dekheuvel is dus wat scheef over de plek van het hunebed opgeworpen.

Figuur 3: Plattegrond van het verdwenen hunebed D52a bij Pottiesbargien (de vlekken zaten op het informatiebord)

Toen ik er was, ben ik met mijn handen de energie van deze plek gaan voelen en ontdekte drie energiepunten bij de voormalige ingang van het hunebed. Dat is gebied tussen de poortstenen zoals in figuur 3 staan. Op de foto van figuur 2 staat links een pad langs de takken, dit is de plek waar de ingang van het hunebed was. In figuur 7 is de plek van deze ingang van bovenaf te zien. De drie energieplekken heb ik bij  veel andere hunebedden waargenomen. Dat hangt, volgens de aura-readingen die ik daarvan gegeven heb, samen met het oorspronkelijke rituele gebruik van het hunebed. De plek van de staande stenen (zie figuur 3) was voelbaar toen ik over de dekheuvel liep. Maar mogelijk lagen er om het hunebed nog kranstenen en stonden er bij de uiteinden nog een paar stenen. Zelfs voor mijn wandelvriendin (zie figuur 4), die niet getraind is om deze energieën te voelen, was de uitstraling van de plekken waar de staande stenen hadden gestaan, te voelen.

Figuur 4: Voelen van de energetische uitstraling van de hunebedplek

Gezien de tekst op het informatiebord zijn er meer mensen geweest die de energie van dit hunebed gevoeld hebben (zie figuur 5)

Figuur 5: Tekst op informatiebord bij Pottiesbargien over het ervaren van ‘krachten uit het verleden’

Toen ik de energieën van de hunebedplek gevoeld had, stelde ik me in op een aura-reading van het hunebed. Nadat ik me innerlijk leeg gemaakt had, begonnen al vrij snel beelden te verschijnen voor mijn geestesoog. Hieronder staat een verslag daarvan.

De onrust

De priester van het hunebed is ongerust. Hij staat voor de ingang van het  hunebed en tuurt in de verte. Hij vraagt zich af of het wel goed gaat. Dan komen er ruiters per paard aan. Ze zien er woest uit. Dit zijn strijders van de stam. Ze zeggen tegen de priester dat hun missie volbracht is en doen daarvan kort verslag. De priester zucht van opluchting: “Gelukkig hoeven we niet meer te vrezen voor ons leven en voor overvallen”. De priester gaat het hunebed in en bereidt daar een drankje. Met twee stenen flesjes komt hij terug. Hij geeft dat aan de ruiter en zegt dat dit genoeg moet zijn voor alle strijders. Per keer is maar een klein beetje nodig, een paar druppels in een beker met water.” De ruiter neemt de flesjes blij in ontvangst en vertrekt met de andere ruiters die op hem gewacht hebben.

Er komt feest

De priester sluit opgelucht zijn hunebed door houten schotten voor de ingang te plaatsen en vast te sjorren. Hij heeft nog een klein stenen flesje bij zich. Vervolgens loopt hij naar enkele huizen verderop, waar zijn medepriesters en leerlingen zitten. Hij zegt: “Vanavond is er een groot feest dan gaan we de overwinning vieren. De macht van de ‘Bedonken’ (gewetenloze lieden) is ingeperkt en ze zijn weggejaagd. Een aantal ruiters achtervolgen hen nog, maar weldra vieren we het feest van de overwinning. De Bedonken zullen ons voorlopig niet meer overvallen. Hun vrouwen en kinderen zijn op de vlucht geslagen en ze zullen naar een ander gebied moeten trekken. Dankzij onze strijders zijn we weer veilig”. Zijn medepriesters en leerlingen bestoken hem met vragen over wat er precies gebeurd is. Hoeveel vijandelijke strijders er waren, of er mensen gedood zijn, hoe lang het nog duurt voordat iedereen terug is, enz. “Vanavond krijgen jullie alles te horen” zegt de priester. “Kom maar mee naar het dorp, daar zijn ze het feest aan het voorbereiden.” Als ze naar het dorp lopen, zien ze in de verte ruiters aankomen. Ze hebben vier Bedonken gevangen genomen. Die lopen aan touwen mee.  Sommige zijn bont en blauw, en gewond van de gevechten. Ze wekken de woede op van de mensen van de stam die ook naar het dorp lopen en schelden de Bedonken uit.

Straffen van de vijanden

In het dorp is het druk. Er wordt in het midden van het dorp een vuur gestookt. En als de priester in het dorp aankomt, ruikt hij al lekkere etensgeuren. De vier gevangen Bedonken zijn vastgebonden aan palen middenin het dorp. De priester loopt naar de hoofdman en overlegt kort. De gevangen zullen eerst aan de beurt komen en daarna is het feestmaal. De kinderen worden nu weggestuurd en een paar strijders met stokken en zwepen staan klaar om de gevangen af te tuigen. De hoofdman neemt het woord en zegt dat de gevangenen tuig zijn, dat ze onschuldigen overvallen hebben, in het dorp geroofd hebben en een slachtoffer hebben gemaakt. De gevangen jammeren en roepen dat ze honger hadden en geen eten. Maar de hoofdman is onverbiddelijk: “Jullie hebben geroofd en gemoord en er is maar één passende straf. Strijders laat deze manen lijden voor hun wandaden.” De strijders beginnen de mannen af te tuigen, die schreeuwen van pijn en woede. Als de hoofdman ziet dat de gevangenen murw zijn geslagen, geeft hij het bevel ze te doden. Ze worden alle vier gekeeld. ”Haal hen weg” zegt de hoofdman, “en breng hen naar de offerplaats”. De dode lichamen worden losgemaakt en versleept tot voorbij de rand van het dorp. Bezittingen worden van ze afgepakt en ze worden in een kuil begraven. 

De godendrank

Als de strijders terug zijn, herneemt de hoofdman het woord: “De barbaren en moordenaars hebben hun gepaste straf gekregen. De goden zullen hen opwachten en in het duister dompelen. Nooit zullen ze meer hun wandaden kunnen doen. Laat dat een les zijn voor alle Bedonken die nog rondzwerven. Ze zullen hun gepaste straf niet ontlopen.” “Dan“ zegt hij, “is er groot nieuws van de priester. De godendrank waar de priesters lang aan gewerkt hebben is klaar. De goden hebben er hun zegen aan gegeven en ze is nu vol magische krachten. Iedere strijder mag drie druppels hebben en langzaam maar zeker zal deze drank zijn werk doen”.

Figuur 6: Stenen kraagflesje opgegraven in hunebed D26 bij Drouwen

De strijder die de twee flesjes (zie figuur 6) van de priester gekregen heeft, staat klaar en haalt met veel omhaal de flesjes tevoorschijn. Hij druppelt wat in een beker en doet er wat water bij. De hoofdman krijgt als eerste de drank. Die slaat hij met duidelijk welbehagen achterover. Daarna zijn de strijders aan de beurt. Ze weten dat het even duurt voordat de drank gaat werken. Ook wordt het eten uitgedeeld. De vrouwen en kinderen zijn er nu bijgekomen en er is een blije stemming nu de vijand bestreden is en overwonnen. Eindelijk kan er weer rust zijn in het dorp en voor de mensen van de stam die in de buurt wonen. Dankwoorden worden uitgesproken voor de dappere strijders en de verhalen over de gevechten worden breed uitgemeten

Een paar strijders beginnen te zingen en zijn buitengewoon vrolijk. Blijkbaar is de drank uit de flesjes aan het werken. Het feest gaat door en de strijders en enkele vrouwen beginnen nu op het gezang hun dansen te doen. De priester, medepriesters en leerlingen doen ook mee met het feest maar wel op een rustige manier. Blijkbaar willen ze hun waardigheid behouden door zich niet teveel over te geven aan de gezangen en het dansen.

Nog een godendrank

Na enige tijd zijn sommige strijders zo uitgelaten dat ze een paar vrouwen beginnen lastig te vallen. De priester staat op en overlegt kort met de hoofdman.  Die roept een paar strijders bij elkaar die wat losbandig dreigen te worden. “Jullie krijgen nog een speciale drank” zegt hij, ”de priester staat al klaar!” Het gezag van de hoofdman is voldoende om de strijders wat te laten bedaren. Ze krijgen opnieuw druppels maar nu uit het flesje van de priester. Ook deze druppels hebben tijd nodig om te werken. Maar de strijders worden nu wat rustiger en slaperig en zoeken een plek op om te slapen. Eén groepje blijft nog doorfeesten tot ook bij hen de vermoeidheid toeslaat. Ook zij krijgen nog druppels van de priester en gaan slapen.

Hulp van de goden

De priester trekt zich met zijn medepriesters en leerlingen terug naar de rand van het dorp. Ze gaan in een kring zitten. De priester spreekt hen toe dat de overwinning op de Bedonken goed is geweest voor de stam, zodat de rust kan weerkeren en er in vrede geleefd kan worden. Ook in de toekomst is waakzaamheid geboden zegt hij. Opnieuw kunnen er rovers en moordenaars zijn die hen gaan bedreigen.

Hij vraagt de goden om hulp en hen te beschermen tegen gevaren en hun zegen te geven aan de stam. Hij gaat in trance en vertelt de indrukken die hij krijgt: “Er moet contact worden opgenomen met de priesters van de nabijgelegen hunebedden. Gezamenlijk moet worden gewerkt aan een samenwerkingsverband tussen de gemeenschappen waardoor iedere gemeenschap veel sterker staat en vijanden zich wel twee keer zullen bedenken voordat ze op rooftocht gaan”. Na deze bijeenkomst gaan ook de priester, medepriesters en leerlingen naar hun huizen. Het wordt stilaan rustig in het dorp. De rust en vrede zijn weergekeerd.

Figuur 7: De heuvel van Pottiesbargien van bovenaf gezien. De plek van de oorspronkelijke hunebedingang staat in het midden van de foto

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.