Hunebed Angelso door Arie Goedhart

In 2017 ontving het Hunebedcentrum een schenking van de studie met aantekeningen en vele berekeningen m.b.t. een onderzoek naar de situering van hunebedden en naar de gebruikte afstandsmaten.

De schenking is afkomstig van drs. Tonnis Dijksterhuis*2, wiskundige en wonende te Uithuizermeeden. Het is een curieus onderzoek dat is gebaseerd op meetkunde, numerieke wiskunde en statistiek en aansluit op wat er al aan theorieën over locaties en onderlinge ligging van hunebedden bekend is. De drie ontvangen ordners staan vol met aantekeningen, berekeningen, grafieken en kaarten.

Dijksterhuis heeft onderzoek gedaan naar de plekken van de hunebedden en heeft bij een aantal hunebedden kunnen aangeven dat deze gezamenlijk, met grote zekerheid, een driehoek vormen overeenkomstig de Stelling van Pythagoras*3. Een voorbeeld zijn de drie hunebedden bij Emmen. Hij stelt dat bij hunebed D48 het beginpunt is van de bouw van de hunebedden in Drenthe. De “landmeters” gebruikten voor het plaatsen van de megalieten een vastgestelde afstand. De lengtes tussen de drie hunebedden verhouden zich als 3:4:5. Het gaat hierbij om het langgraf Schimmeresch D43 langs de Odoornerweg ten noorden van Emmen, de Noordbarger steen D48 en het zuidelijk hunebed hij Angelslo D47. De posities en de standlijnen zijn ontleend aan het boek “Hunebedden in Nederland” (drs. R.H. Klok, 1979) De standlijnen zijn opgemeten door professor Van Giffen.

Het doel van Dijksterhuis was in eerste instantie om met behulp van deze veronderstelde rechthoekige driehoek een lengte-eenheid af te lelden die de bouwers van de hunebedden zouden kunnen hebben gebruikt. Na Invoering van de gegevens in de computer en toepassing van de numerieke methode van de kleinste kwadraten en met de “chi-kwadraattoets”*4 komt er met goede betrouwbaarheid een waarde uit. Soortgelijke metingen in Engeland*5 en Frankrijk komen op een vergelijkbare waarde. De lengtes van de zijden van bovengenoemde driehoek komen overeen met de Stelling van Pythagoras. Dijksterhuis vraagt zich af of het mogelijk is dat de Stelling van Pythagoras al in Drenthe bekend was al ver voordat de wiskundige zelf het levenslicht had gezien.

Met behulp van de 53 Drentse hunebedden zijn er veel meer Pythagoriaanse driehoeken te vormen dan het drietal hunebedden uit Emmen. Enkele configuraties daarvan zijn geheel of gedeeltelijk door Dijksterhuis op hun onderlinge afstanden onderzocht. Dijksterhuis vraagt zich af of de opbouw van de hunebedden in Drenthe volgens een plan is verlopen. Misschien kunnen met deze theorie, zegt Dijksterhuis, een methode ontwikkelen om daarmee onbekende hunebedden en andere woonplaatsen op te sporen. Vragen, nog veel vragen en veel vraagtekens.

*1 Bewerkte tekst vanuit de documenten van Tonnis Dijksterhuis*1, door Fred van den Beemt, september 2020. De documenten bevinden zich in de bibliotheek van het Hunebedcentrum.

*2 Tonnis Dijksterhuis studeerde tussen 1960 en 1966 wiskunde aan de RUG. Na zijn afstuderen werd hij leraar wiskunde en informatica aan de HTS en HIS in Eindhoven. Daar schreef hij o.a. het leerboek “Numerieke Wiskunde”. In die tijd deed hij, in zijn vakanties, al allerlei metingen bij hunebedden.

*3 Stelling van Pythagoras

*4 De toets gaat na of waargenomen aantallen systematisch afwijken van verwachte (of gemiddelde) aantallen, en berekent daartoe het totaal van de gewogen kwadratische afwijkingen tussen deze aantallen.

*5 Megalitic Sites in Britain door A.Thom, Oxford, 1967

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.