Trosjes onrijp zaad van de Grote Brandnetel.

`Het is een goed brandneteljaar,` je zult dat niet gauw horen zeggen. Wel ‘het is een goed fruitjaar’ of ‘het is een goed wijnjaar’, maar wat moet je met ‘een goed brandneteljaar’ ? Nou, bijvoorbeeld in de herfst de zaden oogsten en roosteren. Geroosterde brandnetelzaadjes smaken wat nootachtig en zijn lekker in een salade of door de yoghurt.

Het oogsten van de brandnetelzaden is een fluitje van een cent en kan zonder het gebruik van handschoenen. Je knipt de top van een brandnetelplant met zaad en al van de steel en houdt er een katoenen draagtasje onder.

Let op: je moet de groene (= onrijpe) zaden hebben, inmiddels zwart geworden zaden kun je niet gebruiken.

Als je het gevulde tasje goed schudt, valt er al veel zaad uit de geoogste planten.

Het tasje hang je op een droge en warme plek of je legt het op de verwarming.

Na een dag of 4 schud je het tasje flink, haalt de grotendeels droge planten- resten eruit en wat je over houdt, zijn de zaden.

De oogst op de bodem van het katoenen draagtasje.

Bij de volgende stap verwijder je de verdroogde plantenresten, kleine beestjes en andere ongerechtigheden.

Tot slot gaat het zaad in de koekenpan. Op redelijk hoog vuur rooster je het tot het bruingroen en knapperig is geworden.

Om aanbranden te voorkomen, roer je het zaad goed door elkaar.

Geroosterd zaad in de koekenpan.

Het geroosterde zaad kun je minstens enige weken bewaren in een goed afgesloten blik of pot.

Maar waarom zou je het bewaren? Meteen vers geroosterd over een toetje strooien en … hmm, lekker !

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.