Zelf weergewichten maken. Foto Yvonne Ording

Weven is een van de oudst bekende technieken voor het maken van een lap stof. Van de eerste gewichtengetouwen is vrijwel niets teruggevonden, het materiaal is in de loop der tijden volledig vergaan. Alleen door bijzondere omstandigheden kunnen materialen als hout, textiel, planten- en dierenvezels bewaard blijven, het materiaal wordt dan als het ware geconserveerd. In dit artikel kun je meer lezen over de geschiedenis van weefgetouwen.

Overblijfselen die wél worden gevonden, zijn de weefgewichten. Deze bestaan in vele soorten en maten. Soms van steen maar meestal gemaakt van aardewerk. Er zijn voorbeelden van onder andere driehoekige, triangel-, of discvormige weefgewichten. Het was ook niet ongewoon om ‘afval’ opnieuw te gebruiken. De Romeinen recycleden soms (delen van) tegels of dakpannen tot weefgewichten. Het belangrijkste is om te zorgen dat de weefgewichten die je gebruikt een vergelijkbare vorm en gewicht hebben.

Weefgewichten kennen we ook in Noord-Nederland (o.a. Uit Ezinge, Haren, Emmen). In dit artikel lees je het verslag van een archeologisch experiment, het bakken van weefgewichten in open vuur.

Het vormen van een weefgewicht

Voordat je het weefgewicht kun bakken, moet je het eerst maken. Dat is het makkelijke onderdeel van het hele proces. De weefgewichten hangen onderaan het weefgetouw en houden de weefdraden mooi op spanning. Dat maakt het weefproces makkelijker en voorkomt dat de draden in de knoop raken.

Je neemt een stuk klei. Let erop dat je elke keer ongeveer hetzelfde gewicht hebt. De klei kneed je goed door, ongeveer 10 minuten. Vervolgens rol je de bal in een dikke staaf, die je daarna in een cirkel vormt waarbij een gat in het midden ontstaat. Zorg dat de cirkel goed sluit, anders breekt het makkelijk tijdens het bakken. Nu heb je een ongebakken weefgewicht. Je kunt met markeringen aangeven welk gewicht het weefgewicht heeft. Bij de weefgewichten op de foto hebben we gebruik gemaakt van twee streepjes. Alle weefgewichten zijn in dit experiment ongeveer even zwaar, dus hebben allemaal twee streepjes.

Herhaal het proces om meerdere weefgewichten te maken. Laat de weefgewichten voor het bakken enkele dagen rustig drogen.

Het bakken van een weefgewicht in open vuur

Dan gaan we nu de weekgewichten bakken. Dat kan op verschillende manieren, in dit experiment hebben we gekozen voor het bakken in open vuur. We kunnen concluderen, na meerdere pogingen, dat het zeker mogelijk is. Oefening baart kunst. De slagingskans hangt sterk af van hoe het vuur zich gedraagt. Door dit vaker te doen, krijg je gevoel om het vuur te controleren naar de juiste omstandigheden. In de eerste poging ging het grootste deel kapot. In latere pogingen bleven er steeds meer heel.

Methode

Om de weefgewichten te beschermen tegen de directe hitte, zijn ze afgedekt. In dit geval met moderne bloempot stukken.

  1. Eerst leg je de weefgewichten op een aantal bloempot scherven op je plek waar je vuur kunt maken.
  2. Daarna dek je de weefgewichten af met stukken bloempot.
  3. Bedenk de bloempotstukken met aanmaak hout.
  4. Voeg vervolgens grotere blokken hout toe rondom (zie foto)
  5. Vervolgens kun je het aanmaakhout aansteken
  6. Blijf dit goed doorstoken zodat je een hoge temperatuur krijgt met mooie kolen
  7. Na ongeveer 2 uur laat je het vuur uitbranden
  8. Laat daarna nog de gebakken weefgewichten langzaam afkoelen
  9. En voilà, je weefgewicht is klaar.
Vorig artikelZomerherinneringen – Hoofdstuk 12
Volgend artikelTerugblik Conferentie European Geoparks Network

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.