Filipstad graniet. Foto Harry Huisman

Een korte wandeling door de keientuin van het Hunebedcentrum in Borger leert je snel hoe ongelooflijk gevarieerd zwerfstenen zijn. Afgezien van vorm, wedijveren kleuren rood, oranje, grijs en bruin om de aandacht. De meeste bezoekers zien eigenlijk alleen maar grote en kleine stenen. Geen probleem, die mogen ook gezien worden. Geïnteresseerden en voorzichtige kenners zien daarnaast ook soorten. En die liggen er veel, hoewel…?

Wat opvalt is dat er vooral veel zandstenen liggen, vergezeld van kleurige gneizen en granieten. Vooral die laatste kom je veel tegen. Ondanks dat graniet een betrekkelijk eenvoudig samenspel vormt van vier bestanddelen (=mineralen) is de variatie enorm. Een stenenverzamelaar die de aanvechting krijgt om alleen granieten te verzamelen, moet dit ontraden worden. Er is nog zoveel meer en…een verzameling granieten krijg je nooit compleet. Niet aan beginnen dus.

Graniet bestaat uit veldspaat, kwarts en glimmer. Veldspaat is in twee soorten aanwezig: kaliveldspaat vormt doorgaans de hoofdmassa en verleent graniet zijn kleur. Plagioklaas valt vooral aan de verweerde buitenkant van stenen op, want kleurt wit. De vraag die opkomt is, waar komt die grote variatie vandaan als er maar vier mineralen aanwezig zijn? Dit ligt aan de wisselende percentages van de minerale bestanddelen. Verder speelt de kleur van de onderdelen een zeer belangrijke rol. Tenslotte kun je graniet onderscheiden op basis van de grootte van de afzonderlijke mineraalkorrels. Je hebt fijnkorrelige, grofkorrelige, porfierische en grootkorrelige granieten, ook onder zwerfstenen. Met deze parameters is te verklaren waarom graniet overal op aarde er anders uitziet. In een hoop zwerfkeien langs een Drentse akker is het niet anders.

Filipstad graniet. Foto Harry Huisman

Ben je eenmaal in staat om graniet te herkennen, dan rijst de vraag welke heb je opgeraapt en…waar komt hij vandaan? Allereerst, de zwerfstenen in de keientuin zijn van noordelijke herkomst. De stenen zijn in de ijstijd door gletsjers vooral uit Zweden en Finland naar ons land vervoerd. Echter, waar ze precies vandaan kwamen was lange tijd onduidelijk. Onderzoekers en vooral amateurgeologen hebben in tientallen jaren tijds in de noordelijke landen uit de vaste rots steenmonsters geslagen en meegenomen. Thuis vergeleek men ze met granieten die hier gevonden waren. In de loop van de tijd zijn op deze manier heel wat overeenstemmingen gevonden. Zo is bekend dat in het Hondsruggebied heel veel roodachtige rapakivi-granieten te vinden zijn. Deze zijn afkomstig van de Aland-eilanden in Zuidwest-Finland. Ook uit Zweden zijn inmiddels vele tientallen granietsoorten als zwerfsteen herkend. Deze noemen we gidsgesteenten. In de keientuin in Borger liggen er vele, vaak met een naambordje erbij.

Filipstad graniet. Foto Harry Huisman

Een bekend gidsgesteente uit Zuid-Zweden is Filipstad-graniet, genoemd naar de plaats Filipstad, noordelijk van het Vänernmeer. In de keientuin ligt de tot dusver grootste zwerfsteen van dit type. De steen weegt ruim 12.000 kg en is gevonden bij de kruising van de N33 en de N34 bij Gieten. Minder groot, maar toch nog vele honderden kilo’s, is de Filipstad-graniet, die voor de witte koepel van het Kenniscentrum op het grasveld staat opgesteld.

De eerste maal dat ik in Zweden kennis maakte met Filipstadgraniet, was tijdens een excursie met geologen bij Persberg, oostelijk van Filipstad. Hier vond ik het ‘oertype’ Filipstad-graniet. De dagen daarna bleek al snel dat Filipstad-graniet een soort kameleon is. Het was niet moeilijk om een dozijn of meer verschillende te verzamelen. Dit beeld zien we terug onder zwerfstenen. Afgezien van een paar gemeenschappelijke kenmerken, zoals grote rondachtige kaliveldspaten die vaak omgeven zijn door een smalle witte zoom van plagioklaas, moest ik denken aan het idee om een verzameling van louter Filipstadgranieten aan te leggen. Zelfs met deze ene granietsoort zou het niet lukken om die compleet te krijgen.

Verrassend was dat het type Filipstadgraniet bij Persberg als twee druppels water leek op de zwerfkei voor de koepelzaal bij het Hunebedcentrum, inclusief de smalle spleetvullingen van oranje pegmatiet. Een echt gidsgesteente dus.

Filipstad graniet. Foto Harry Huisman
Filipstad graniet. Foto Harry Huisman
Filipstad graniet in keientuin Borger. Foto Harry Huisman

Bent u geinteresseerd in meer verhalen over zwerfstenen dan raden we u aan om eens te kijken op www.stenenzoeken.nl

Vorig artikelJaarverslag Hondsrug UNESCO Geopark 2020
Volgend artikelDE TERUGKEER – Hoofdstuk 20
Harry Huisman is conservator geologie in het Hunebedcentrum.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.