Verhalen over offerstenen

0
989
Caspar David Friedrich schilderde dit, inmiddels verdwenen, hunebed met drie oude eiken. In 1818 liet de burgemeester van Gützkow (Johann Balthasar Pütter) het hunebed, dat in de volksmond 'Opferstein' genoemd werd, opblazen.

Stenen die bloeden als je er in prikt. Stenen met afdrukken van de vingers, klauw of voet van een duivel, heilige, held of reus. Soms gaat het juist om een hoefafdruk. Er zijn (grens)stenen die absoluut niet verplaatst mogen worden en stenen die juist kilometers ver zijn gegooid. Er zijn zelfs stenen waar je een baby onder kunt vinden. Er zijn stenen waar je water over giet of water uit drinkt, stenen waarvan het water wordt gebruikt om te dopen. Verhalen over bijzondere stenen komen wereldwijd voor. In dit artikel geef ik aandacht aan enkele verhalen die in Nederland, Duitsland en de Slavische cultuur voorkomen. Op het eerste gezicht hebben ze niets met elkaar te maken, maar soms zie je toch opvallende gelijkenissen.

In mijn eerste artikel, megalieten in de maneschijn, schreef ik al over de Bloedsteen bij huize Kernhem (Ede). Hier zou bloed uit komen als je om middernacht bij volle maan met een speld in de steen prikt. Het gegeven over een speld (of naald) en een bloedende steen komt ook voor in Utrecht (De Gesloten Steen, ook wel duivelssteen genoemd) en wordt eveneens over De Amersfoortse Kei en andere stenen verteld.

Over ‘De Gesloten Steen’ bestaan meerdere sagen. Een van die sagen behelst dat de duivel en zijn knecht ’s nachts deze steen aan het overgooien waren tussen de nabijgelegen Geertebrug en Vollersbrug. Bij een misser klapte de steen met een zodanige smak tegen de grond dat de huizen op hun grondvesten trilden. Vervolgens heeft men de zwerfkei maar aan de ketting gelegd (gesloten) om van het geduvel af te zijn. De steen kon toen niet meer verplaatst worden.

Houtsnede van de Gesloten Steen

Een duivelssteen gaf precies aan waar de scheiding tussen de marke De Lutte en de marke Zuid-Berghuizen lag. Via een zeer smal ‘kerkpad’ kon men langs de steen komen. Een vrouw vergeet in de haast een kruis te slaan als ze langs de steen komt, opeens loopt er een man naast haar. Bij de postweg van Deventer naar Hannover, die dat kerkpad kruist, hoort ze een grote knal en ruikt zwaveldamp. De man is verdwenen. Begin 20este eeuw werd nog gewaarschuwd niet langs de steen te lopen; “pas op, daar mag je niet langs gaan, want dat is niet pluis.”

Dat stenen bloeden wordt ook over bepaalde grensstenen gezegd. Er zou geofferd zijn, en hierdoor vloeit het bloed nog steeds. Men zegt wel dat kinderen bang werden gemaakt om op die manier te voorkomen dat ze in de buurt van de stenen zouden komen. De ziel van een overledene krijgt geen rust wanneer die persoon tijdens zijn leven grensstenen heeft verlegd, zo wordt ook in volksverhalen vertelt. De zielen slepen met gloeiende stenen rond of gloeien zelf. De enige verlossing ligt in het terugplaatsen van de steen op de juiste plek: de plek waar hij vandaan kwam.

Over weer een andere steen wordt verteld dat de duivel deze naar de toren van Doesburg gooide, maar hij komt in De Steeg terecht. Op de steen is de afdruk van de duivelsklauw te zien.

Soortgelijke verhalen komen in veel landen voor. Vaak mikte de duivel op een kerk in aanbouw, of ander christelijk heiligdom.

Een ander voorbeeld is een steen in het bos bij Rheden. In ver vervlogen tijden hadden inwoners van het dorpje Doesburg geld ingezameld om hier de toren van de kerk te realiseren.

De duivel wil een steen gooien op de kerk in Münster. Hij mist en de steen komt op het nabijgelegen kerkhof in Ingolstadt terecht. 

Waarschijnlijk was de duivel zo boos toen hij dit hoorde, hij kon zijn krachten niet meer beheersen. Daardoor heeft hij te hard gegooid, waardoor de steen het doel miste. Elke vrouw die niet zwanger kon worden moest naar deze steen in het bos komen. De vrouwen moesten vervolgens een spijker in de steen slaan en als er bloed uit kwam dan zou de vrouw zwanger worden. Een bosnimf heeft later een tweede steen geplaatst in het bos. Zij was de drukte in het bos helemaal zat en besloot daarom een tweede steen te plaatsen, zo wisten de de vrouwen niet meer welke de juiste steen was en werd het weer rustig in het bos. Heel af en toe, vroeg in de ochtend als de mist in het dal is, kun je de ‘echte’ steen nog zien want die zweeft namelijk door het dal heen…..zo vertellen de verhalen.

Twee reuzen gooiden stenen tussen Michelsberg en Todenhausen. Elias verloor. De steen, waarop duidelijk de afdruk van Elias’ enorme duim te zien is, ligt nog op de weg tussen Michelsberg en Linsingen.

Iets soortgelijks wordt vertelt in Friesland, hier zouden vingers in een steen in Gauw te zien zijn. Er werd ook mee gegooid. Deze steen werd niet door de duivel vanuit Akkrum naar Gauw gegooid, maar door een reus. De steen is helaas verdwenen.

Bij een andere Friese plek, Drachten, gaat het wel om de duivel. Hij heeft hier niet met een steen gegooid, maar liet zijn voetafdruk na een sprong achter in een steen. Bij Aldwâld (Veenklooster) sprong de duivel ook over een sloot, maar liet hier een paardenpoot achter in de steen. Dit was vlakbij een brug. Dit wordt ook verteld over de Bonkebrêge en de Alddyk bij Wykgeast. En tijdens het polsstokspringen laat de duivel een voetafdruk in een steen achter bij Burgum.

Een voetafdruk van een paard wordt ook achtergelaten op een hunebed in Nederland. Napoleon Bonaparte sprong volgens de overlevering met paard en al boven op de grote platte deksteen van D45. Het hunebed ligt in de Emmerdennen een bosgebied in de plaats Emmen. Volgens andere verhalen over hetzelfde hunebed zouden de deuken de vinger- en duimafdrukken van een reus zijn. W.J. de Wilde hoorde het verhaal over de voetafdrukken van het paard van Napoleon over hunebed D9, D17, D18, D14, D27, D28, D29 en D45. Een veldwachter laat hem de voetafdruk zien op D45.

Het ‘hunebed’ (ook wel ‘offersteen’ genoemd) bij Lage Vuursche zou bloeden als men er in prikt. Vlakbij Nunspeet ligt ook een steen die zou bloeden als je er in prikt, het zou een versteende soldaat zijn. Ook nabij de Belgische grens liggen veel (platte) stenen waar bloed uit zou vloeien als je er in zou prikken. Bloedstenen komen ook in Duitsland voor, hier worden ze ook wel Opfersteine (offerstenen) genoemd.

In Nederland zijn deze stenen bekend als napjesstenen. Het gaat om stenen die kunstmatige komvormige depressies hebben. Mette van Merwe toonde napjes aan bij D02 te Westervelde, D03 te Midlaren, D12 te Eext, D16 te Balloo, D32 te Odoorn, D35 te Valthe en D49 te Schoonoord.

Het vermoeden bestaat dat de vermeende groeven van de duivelsklauwen in de Teufelsstein bij de kerk van Lübeck een simpele barst zijn, maar volgens volksverhalen bouwde hij ontwetend mee aan de kerk. Hij dacht een wijnhuis te bouwen. Toen hij doorkreeg wat er aan de hand was, probeerde de duivel het huis van aanbidding met de steen te vernietigen. Men beloofde een wijnhuis te bouwen en toen legde de duivel de steen naast de kerk, de Ratsweinkeller werd vlakbij de kerk gebouwd. In 1999 werd het bronzen beeld op de duivelssteen geplaatst.

Bij de ingang van de Frauenkirche in München in Beieren bevindt zich de Devil’s Footstep of Teufelsschritt. Dit merkteken in een tegel lijkt op een voetafdruk, waar volgens de legende de duivel stond nadat hij een deal had gesloten met de bouwer om de bouw van de kerk te financieren op voorwaarde dat er geen ramen in zaten. De bouwer slaagde erin de duivel te misleiden door zuilen zo te plaatsen dat de ramen niet zichtbaar waren vanaf de plek waar de duivel bij de ingang stond. De duivel kwam er uiteindelijk achter dat hij voor de gek was gehouden, maar hij kon geen gewijde kerk binnengaan en kon alleen in de entreehal staan, woedend met zijn voet stampen, de voetafdruk achterlatend die vandaag de dag nog steeds zichtbaar is in de ingang van de kerk.

Op de Pierre Brunehaut is het juist de voetafdruk van Maria, zij wilde helpen bij de bouw van de kathedraal van Doornik. Toen ze met de steen op weg was, hoorde ze dat er al een fundering was gelegd. Daarom liet ze hem achter in Hollain. Ze keerde naar de hemel terug en liet haar voetafdruk op de westelijke zijde van de steen achter. Er zijn meer volksverhalen verbonden aan deze steen. Volgens een van die verhalen is de steen opgericht op de plaats waar het lijk van Brunhilde gevonden werd nadat zij, vastgebonden aan een galopperend paard, ter dood was gebracht. Als de steen omvalt, zal de wereld vergaan.

Offerstenen zijn heilige stenen die worden gebruikt voor offers. Het gebruik ervan is gedocumenteerd van de prehistorie tot de moderne volkscultuur.

Offerstenen spelen een belangrijke rol bij de Slaven en in de Slavische mythologie. Hun oorsprong als afzonderlijk volk moet omstreeks het 2e millennium v.Chr. zijn geweest toen ook de Kelten, Germanen en andere Indo-Europese volkeren zich gingen profileren.

Tot aan het begin van de jaartelling hielden de Slaven zich op in Oost-Polen, Wit-Rusland en westelijk Oekraïne rond de Pripjatmoerassen.

Ze leefden voornamelijk in de uitgestrekte wouden in deze streek en in de Slavische mythologie kan men hier nog sporen van terugvinden. Na de Grote Volksverhuizing gingen de Slaven zich verspreiden over Centraal-, Oost- en Zuidoost-Europa. In de vroege middeleeuwen – na de volksverhuizingen – leefden er dus Slaven in Centraal-Europa (Duitsland, Polen, Tsjechië), maar de Duitse kolonisatie na het jaar 1000 en de sterker invloed van de Rooms-Katholieke Kerk in de late middeleeuwen dreef hen weer gedeeltelijk oostwaarts. Er leeft nog een minderheid in Duitsland.

In Rusland wordt het verhaal verteld dat stenen worden omgekeerd, maar dat niet wordt gevonden wat men verwacht. Het verhaal speelt in Rusland bij de Wolga en wordt gedateerd op 23 juli 1669. Maar gelijksoortige verhalen komen ook in Nederland voor, zo zullen we later zien…

In de regio Pskov werd in de 20e eeuw bij stenen geofferd, die volgens archeologische vondsten al in de bronstijd dezelfde functie hadden. In het dorp Kołbiel in Mazovië stopten mensen met Pasen geld en etensresten in de stenen depressies. Deze offers werden joście genoemd. Tot 1906 lag 0,5 kilometer ten zuiden van het dorp Głupianka een grillig rotsblok, aanbeden door de lokale bevolking. Het had nissen waarin voedsel voor de armen werd geplaatst tijdens de lente-equinox. De steen werd gebroken op verzoek van de pastoor van Kołbiel en was bedoeld voor de bouw van de kerktrappen. De plek wordt nog steeds Joście genoemd, een pre-christelijke heilige plaats van de Slaven. Er staat nu een stenen kapel.

In de Oost-Slaven worden soortgelijke stenen sledovik genoemd. De meeste sledovik-stenen hebben legendes die ermee verbonden zijn. In de moderne, christelijke (of postchristelijke) wereld zeggen de meeste van deze legendes dat het een voet van Christus was (ook wel de Maagd Maria of een van de heiligen) die de afdruk op de steen heeft achtergelaten. 

Een icoon uit Pochaiv Lavra; de Maagd Maria die haar voetafdruk achterlaat op een steen

In sommige gevallen wordt de afdruk echter in verband gebracht met de duivel en worden de stenen als onzuiver en schadelijk beschouwd. Ook hier dus verhalen over handen, vingers en voetafdrukken die zijn achtergelaten door een imposant figuur (een heilige of duivel).

Aangenomen wordt dat deze stenen in het verleden als heidense heiligdommen werden gebruikt. Het is echter onwaarschijnlijk dat ze als altaren dienden en werden gebruikt voor bloedige offers. Het is waarschijnlijker dat regenwater en dauw zich in deze holtes verzamelde en dit als heilig of gezegend werd beschouwd (en in bepaalde rituelen werd gebruikt).

Enkele rituelen zijn tot op de dag van vandaag bewaard gebleven: zo wordt in Pochaiv Lavra de lokale Sledovik, geïnterpreteerd als een plaats van openbaring van de Maagd Maria, vereerd als een van de belangrijkste overblijfselen van het klooster. Pelgrims mogen water drinken dat in de voetafdruk is gegoten en dat dus als gezegend wordt beschouwd. 

Sledovik en napjesstenen die in het wild voorkomen, worden in sommige gevallen ook vereerd door de lokale bevolking. Hetzij in de gekerstende interpretatie, hetzij in “alternatieve” semi-heidense stijl. Mensen kwamen meestal naar de stenen en lieten daar voedsel, snoep of iconen achter of brandden kerkkaarsen. Wensbomen zijn vaak te vinden in de buurt van dergelijke stenen.

Sin-Kamen bij het Plestsjejevo-meer met offers (bloembladeren), de steen staat soms in het water als de waterspiegel stijgt

De Slaven kennen ook andere heilige stenen. Sin-Kamen (letterlijk in het Russisch “Blauwe Steen”) is een soort heidense heilige steen die veel voorkomt in Rusland (in gebieden die historisch werden bewoond door zowel Oost-Slavische als Volga Finse stammen). In tegenstelling tot sledovik hadden Sin-Kamen geen aan de steen verbonden heiligen en werden ze op een eenvoudigere manier vereerd: door er water op te gieten of voedseloffers achter te laten. Sommige Blauwe Stenen zijn nog steeds bekend en worden vereerd door de lokale bevolking.

De Sin-Kamen bij het Plesjtsjejevo-meer was vroeger een Meryan-heiligdom. Waar in de meeste gevallen de stenen van het type Sin-Kamen zwart of donkergrijs zijn, ziet deze steen er inderdaad donkerblauw uit als hij nat is. Het oppervlak is bedekt met kleine kommen; het gewicht wordt geschat op ongeveer 12 ton.

Een bekende Slavische heilige steen is de Kudepsta-cultussteen (ook wel Circassian-steen). Het is een megalithisch monument in de buurt van het Kudepsta-district. Alleen de oostelijke helft van de steen is bewerkt. Daar zijn twee uitsparingen uitgeslagen, die lijken op stoelen, gescheiden door een soort “armleuning”. De breedte van de stoelen is 75 centimeter, de diepte is 45 centimeter. De stoelen zijn gericht langs het azimut van 60 graden, vermoedelijk naar het punt van zonsopgang op de dagen van de winterzonnewende. Velen beschouwen de Kudepsta-steen als behorend tot de dolmencultuur van de westelijke Kaukasus.

De Kudepsta-cultussteen

En er is een legende in Altentreptow an der Tollense. De inwoners van Altentreptow zouden in gevecht zijn geraakt met de duivel omdat hun kerk, gezien vanaf Neubrandenburg, een veel te hoge toren had. De duivel gooide vervolgens de gigantische steen van Neubrandenburg, maar miste de kerktoren. Zo viel de “Grote Steen” op de Klosterberg. De “greep van de hand van de duivel” is te zien in de steen van 8 meter lang en 6 meter breed.

In Duitsland worden ook verhalen verteld van paarden die hoefafdrukken achtergelaten hebben op een steen. Zo zou Brunhilde vanaf de Hexentanzplatz naar de Rosstrapp zijn gesprongen met haar paard, toen ze op de vlucht was voor ridder (of reus) Bodo. Hij kwam om toen hij dezelfde sprong probeerde te maken. Nog altijd waakt hij in de rivier, want daar is Brunhilde haar kroon verloren. Ook op de Rosstrapp is nog altijd de afdruk van de ‘paardenhoef’ te zien.

Ook op de “Breitenstein” is een hoefijzer te zien. Dit hoefijzer zou samen met een karrespoor zijn uitgehakt om te herdenken dat een ridder en zijn paard van de rost sprongen en in de rivier omkwamen.

De Teufelsstein bij Haardt (Rijnland-Palts) is een rotsformatie van ongeveer 2,50 meter hoog en tot 4 meter breed. Hier zijn geen stoelen, maar vijf treden in de rots uitgehouwen. Ze leiden naar de top van de rots waar een holte is waarvan wordt gedacht dat het een offerschaal (Opferschale) is voor religieuze riten van zijn voormalige, waarschijnlijk Keltische, gebruikers en waaruit een bloedkanaal (Blutrinne) de rots afloopt via de trappen. Er zijn in deze rots talloze symbolen uitgehouwen, die dateren uit verschillende perioden. Naast zonnewielen, runen en Romeinse letters zijn er verschillende markeringen die herinneren aan de steenhouwerkenmerken van de 12e en 13e eeuw. Volgens oudere verslagen waren vroeger ook twee grof getekende menselijke figuren zichtbaar, maar die zijn sindsdien verweerd of opzettelijk vernietigd.

Teufelsstein bij Haardt
Bovenkant van de Teufelsstein bij Haardt. Er zijn één grote en drie kleine putjes te zien. Door het beklimmen van de uitgehakte treden, kan men hier bij komen.

Midden op de voormalige Melzinger Heide in Duitsland ligt een grote granieten steen, die in de volksmond bekend staat als de “offersteen”. Over het ene uiteinde van de steen loopt een diepe kunstmatige groef, die de “Blutrinne” (“Bloedgroef”) werd genoemd. Volgens een legende ruikt het mos dat rond de steen groeit naar bloed. Het water in de vijver zou ooit rood zijn geweest. Volgens een andere legende zou er een schat onder de steen zijn begraven.

Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat er op dit punt veel organische stof in de bodem is gekomen. Er kan alleen maar worden aangenomen dat dit offergaven waren. Diverse vondsten die hier zijn aangetroffen, bewijzen dat de offersteen tussen 2500 en 600 voor Christus werd bezocht.

Tijdens opgravingen uitgevoerd door Wolfgang Dietrich Asmus tussen 1954 en 1957, werd ontdekt dat de offersteen op een keienbestrating lag in het midden van een holte van 30 meter lang en 21 meter breed. De holte was oorspronkelijk waarschijnlijk omgeven door een platte aarden wal. Aan de oostkant van de steen werd een kuil van 0,5 meter diep gevonden. Het was waarschijnlijk de kuil waarin de steen ooit stond, wat zou betekenen dat de steen oorspronkelijk een rechtopstaande menhir was.

Bij Detmerode, net als de Opferstein van Melzingen gelegen in Nedersaksen, ligt ook een Opferstein. Hier zijn enorm veel napjes in aangebracht. Deze steen werd gebruikt in neolithische rituelen. De napjes zijn relatief klein, anders dan bij de Opfersteine van Juhöhe in Hessen. Deze offerstenen zijn granodiorietrotsen met grote geërodeerde komvormige holtes en een rooster van verweringsscheuren. De komvormige holtes zouden door de mens zijn gemaakt voor offers. Zo vertellen de oude legendes en verhalen uit de streek ons ​​tenminste. Er wordt gezegd dat de gaten van de Opfersteine bekers voor de duivel waren.

“Opferstein van Melzingen” in
 Schwienau, Nedersaksen
Detmeroder Opferstein; de steen werd gebruikt in Neolithische rituelen, Wolfsburg
Opferstein Juhöhe, Hessen

Bij Burgwalde, district Eichsfeld in Thüringen, ligt een kleine heuvel bedekt met een groep sparren. Midden tussen de bomen staat een kleine kapel van rode zandsteen, gewijd aan Sint Bonifatius. Achter de Bonifatiuskapel op de Brink ten zuiden van Burgwalde ligt een steen met een met gevulde verdieping. De ligging van de rots geeft aan dat er op dit punt ooit een oude heidense offerplaats was en dat de kei als offersteen diende. De voorchristelijke offersteen werd een christelijk doopvont, en zelfs vandaag wordt het nog de stenen “doopvont van St. Bonifatius” genoemd. De heuvel heet nog steeds de Bonifatiusberg.

Volgens de dorpelingen moet hier het hele jaar door bruin gekleurd water in staan. Volgens de legende predikte de apostel van de Duitsers hier het christendom en maakte daarmee een einde aan de oude Germaanse godenverering.

Elke avond, wanneer het daglicht vervaagde, beklom de prediker van het Woord van God de heuvel naar de Brink, waar hij de leer van de Gekruisigde verkondigde aan de mensen die zich daar verzamelden. Maar de woorden die werden gehoord waren hard en de luisteraars werden met de dag minder. Weken gingen zo voorbij. Op een dag kwam niemand meer luisteren, maar toen bedacht Bonifatius dat de volgende dag het feest van de zomerzonnewende gevierd zou worden. Hij kende Germaanse gebruiken en wist dat het festival bij zonsopgang zou beginnen.

Volgens het verhaal gaat een offer van de lokale bevolking fout. De dageraad scheen helderder en helderder en plotseling goot de zon, die het oog van Wotan (Wodan) werd genoemd, haar eerste stralen over de beboste bergen en baadde het hele landschap in zijn gouden licht. De bevolking zei Bonifatius: ‘Als uw god echt zo machtig is als u ons vertelt, moge hij dan nu het bassin van de offersteen met water vullen.’

Toen maakte Bonifatius het kruisteken over de steen met zijn kruisbeeld, en tot verbazing van iedereen werd een zacht druppelend geluid gehoord, alsof er een bron uit de aarde was ontsprongen. Maar toen men keek, zag men dat het stenen bassin zich langzaam vulde met helder water. In de dagen die volgden, beklom Bonifatius opnieuw de Brink als voorheen, en predikte, waarbij hij de christelijke leer onderwees aan allen die waren gekomen. Daarna doopte hij hen met het water dat hij uit het stenen bassin haalde.

Kort na Schönau, op de weg die naar Burgwalde leidt, ligt de “kleine Bonifatiusstein”. Tot het einde van de vorige eeuw was de steen, ongeveer een halve meter hoog, versierd met een mijter, een bisschopshoed. Vanaf hier beklom de heilige het “luspad” naar de Brink, waar hij dagelijks preekte. Het pad bestaat niet meer, maar oude mensen weten nog waar het heen ging.

De Bonifatiuskapel en doopvont van St. Bonifatius

De bijzondere stenen mogen volgens de volksverhalen niet verplaatst worden. Waarom is soms onbekend, maar in andere gevallen tonen de stenen een belangrijke plek of grens aan. Toch verplaatste een duivel de stenen in bepaalde gevallen, met gemak gooide hij de stenen over verre afstanden. Meestal mikte hij op christelijke bouwwerken. In sommige gevallen was het juist een heilige die de stenen verplaatste. En soms was het een reus. In mijn artikel koning Arthur en megalieten werd al genoemd dat een soortgelijk verhaal wordt verteld over koning Arthur. Een steentje in zijn schoen werd door hem weggegooid en nam op zijn standplaats enorme afmetingen aan door de aanraking met de mythische koning.

Over de Amersfoortse Kei wordt verteld dat er op geschreven stond: Zag je mij van onderen, Wat zou je je verwonderen! Men keerde de steen dus om. En stenen omkeren, dat gebeurt ook bij de Slaven (zo toont een verhaal aan dat in 1669 is vastgelegd). In alle gevallen werd niet gevonden wat men verwachtte, een schat of boodschap op de onderkant. Meestal heeft men veel moeite gedaan om te weten te komen dat de steen nu op z’n andere zij ligt. Dit wordt ook over andere keien verteld, soms werden ze met water schoongemaakt om de tekst te kunnen lezen (bijvoorbeeld in een verhaal dat werd verteld in Drachten). Dit doet denken aan de rituelen die door de Slaven worden uitgevoerd, het gieten van water over een heilige steen.

Marinda Ruiter

Bronnen

Langs oude krachtplekken in het Overijsselse Vechtdal, VVV fiets en autoroute van 120 km

Een paleis voor de doden: over hunebedden, dolmens en menhirs, Herman Clerinx

https://hbo-kennisbank.nl/details/saxionhogeschool:21810C58-A667-432D-93CFE38A08C17363

https://nl.wikipedia.org/wiki/De_Gesloten_Steen

https://nl.wikipedia.org/wiki/D45_(hunebed)

https://www.verhalenbank.nl/items/show/11563

https://www.verhalenbank.nl/items/show/19056

https://www.verhalenbank.nl/items/show/13536

https://www.verhalenbank.nl/items/show/14842

https://www.verhalenbank.nl/items/show/50125

https://www.verhalenbank.nl/items/show/47355

https://www.verhalenbank.nl/items/show/48393

https://www.verhalenbank.nl/items/show/13509

https://www.verhalenbank.nl/items/show/25161

https://www.verhalenbank.nl/items/show/38125

https://www.verhalenbank.nl/items/show/34781

https://www.verhalenbank.nl/items/show/31658

https://www.wir-sind-mueritzer.de/allgemein/altentreptow-lockt-mit-riesenstein-streit-um-hebungskosten/

https://en.wikipedia.org/wiki/Sledovik

https://pl.wikipedia.org/wiki/Jo%C5%9Bcie

https://en.wikipedia.org/wiki/Blue_Stone_(Russia)

https://ru.wikipedia.org/wiki/%D0%9A%D1%83%D0%B4%D0%B5%D0%BF%D1%81%D1%82%D0%B8%D0%BD%D1%81%D0%BA%D0%B8%D0%B9_%D0%BA%D1%83%D0%BB%D1%8C%D1%82%D0%BE%D0%B2%D1%8B%D0%B9_%D0%BA%D0%B0%D0%BC%D0%B5%D0%BD%D1%8C

https://en.wikipedia.org/wiki/Teufelsstein_(Haardt)

https://www.harzlife.de/sagen/rosstrappe.html

https://www.saarland-lese.de/streifzuege/sagen-und-maerchen/das-hufeisen-auf-dem-breitenstein/

https://www.lueneburger-heide.de/service/sehenswuerdigkeit/11866/opferstein-melzingen.html

https://de.wikipedia.org/wiki/Opferstein_(Melzingen)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Offersteen

https://cs.wikipedia.org/wiki/Ob%C4%9Btn%C3%AD_k%C3%A1men

https://en.wikipedia.org/wiki/Odenwald

http://www.burgruine-hanstein.de/bonifatiusstein.0.html

https://stringfixer.com/nl/Petrosomatoglyph

https://nl.wikipedia.org/wiki/Brunhildesteen

Afbeeldingen

Caspar David Friedrich door Caspar David Friedrich – tAERAsgI-yEpTQ at Google Cultural Institute maximum zoom level, Publiek domein, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=21847238

Gesloten steen, houtsnede door Jan Boon http://home.planet.nl/~emhabben/JanBoon/Volkskunde/volkskunde.html

De duivel…https://www.augsburger-allgemeine.de/neuburg/Ingolstadt-Ein-Werk-des-Teufels-Der-rote-Stein-in-Ingolstadt-id51965116.html

Het vermoeden bestaat..https://www.deutschlandmalanders.com/der-teufelsstein-in-luebeck/

Slavische talen door Hardscarf (translation of German version) – Eigen werk, Publiek domein, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=5545928

Een icoon…door Roman Zacharij – Own work, Public Domain, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=6339141

Sin-Kamen door Elena shlykova – Own work, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=40622547

Teufelstein door Gewetz – Own work, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=19263424

Bovenkant van de Teufelsstein https://www.indiana-stones.de/mystische-st%C3%A4tten/mystische-st%C3%A4tten-in-s%C3%BCddeutschland/steinbruch-und-teufelsstein-bad-d%C3%BCrkheim/

Twee reuzen http://www.schwalmstadt-michelsberg.de/information/geschichte/sagen/sagen.html

http://www.goethezeitportal.de/wissen/illustrationen/legenden-maerchen-und-sagenmotive/die-rosstrappe.html

Opferstein van Melzingen door Frank Vincentz – Own work, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=14701824

Detmeroder Opferstein door Richard Bartz – Own work, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=19091593

Opferstein Juhöhe door Jreiners – Own work, CC BY 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=18572618

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.