Kalmarsund buizenzandsteen – Zwerfsteen van Werpeloh (Dld.)

Voor het gevoel noem je het geen fossielen, toch rekent men sporenfossielen daar wel toe. Ook al ontbreken resten van de organismen zelf, de sporen die ze in sedimenten achter lieten, zijn een duidelijk bewijs voor dierlijk leven en dat al in het Vroeg-Cambrium.

In een gebied dat ingenomen wordt door Zuid-Zweden en een deel van de zuidelijke Oostzee tot iets voorbij het Deense eiland Bornholm graasden, groeven en bouwden allerlei organismen, zo’n 540 miljoen jaren geleden, op en in de zandige bodem van een zeer ondiepe zee. Bij hun activiteiten lieten de dieren een reeks sporen na, die in het zand achterbleven en later fossiliseerden. Toen deze levenssporen ontstonden, lag dit deel van Scandinavië ver ten zuiden van de evenaar, ongeveer op de plaats van zuidelijk Argentinië. Sindsdien is het gebied met een snelheid van ca. 4cm per jaar in noordoostelijke richting over de aardbol geschoven tot de huidige locatie. Zo wordt opeens duidelijk hoeveel tijd er verstreken is sinds deze Vroeg-Cambrische wormen, slakken, trilobieten e.d. hun sporen in het zand van de zeebodem achter lieten.

Sommige levenssporen van noordelijke herkomst zijn jonger of zelfs iets ouder dan Vroeg-Cambrisch. Bij deze fossielen wordt de ouderdom apart vermeld. 

Zandsteengroeve bij Pedersker op Bornholm. In de oude groeve zijn zandsteenlagen en sedimentatiestructuren te zien die duidelijk maken dat ze destijds in een ondiep, kust nabij zeemilieu moeten zijn gevormd.
Op een zandbank-achtig gewelfde zandsteenbult in de groeve zijn talloze gebogen en elkaar kruisende sporen te zien van Psammichnites, vermoedelijk achtergelaten door trilobieten. De details in de sporen zijn door korstmossen en algen steeds moeilijker te zien.

Vreemd is dat in deze oude zandstenen geen spoor van de veroorzakers is gevonden, zelfs niet een vage indruk ervan. Uit de vorm van de levensporen kan in een aantal gevallen worden afgeleid hoe ze zijn ontstaan, maar daar blijft het bij. Sommige kruipsporen laten er weinig twijfel over bestaan dat ze door de kreeftachtige dieren als trilobieten zijn achtergelaten. Ook de graafgangen van Monocraterion en vooral Diplocraterion kunnen goed vergeleken worden met de activiteiten van huidige zeebodembewonende organisen. De overeenkomst van de U-vormige graafgang van Diplocraterion met die van de huidige wadpier (Arenicola marina) is overtuigend genoeg om het vermoeden uit te spreken dat Diplocraterion op een vergelijkbare wijze is ontstaan.

In het oosten van het Deense eiland Bornholm bij Balka is de harde, grijswitte Balkazandsteen als strandzandsteen ontsloten. In deze Cambrische zandsteen zijn tienduizenden graafgangen van Diplocraterion ontsloten.

Voor het overige blijft het gissen wie de sporen achter lieten, waren het slakken, wormen of tot dusver onbekende kreeftachtige dieren? Wie het denkt te weten mag het zeggen. Het is daarom niet vreemd dat zwerfsteenverzamelaars als containerbegrip de uitdrukking ‘wormbuizen‘ voor deze fossielen gebruiken. Ook bezigen sommigen de uitdrukking ‘een Schuddebeurs‘. Pieter Schuddebeurs was amateurgeoloog en een van de grootste kenners van noordelijke kristallijne zwerfstenen. In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw  specialiseerde hij zich ook in deze Cambrische levenssporen. Daarin heeft hij zijn ‘sporen’ verdiend. Tientallen jaren was zijn samenvattende publicatie over deze fossielen leidraad voor menige zwerfsteenverzamelaar.

Zandsteen met graafgangen in alle richtingen – Zwerfsteen van Sinebjerg, Fünen (Dk.).
Nexözandsteen met levenssporen – Zwerfsteen van Gammel Pol, Als (Dk.).
Zandsteen met graafgangen – Zwerfsteen van Borger (Dr.).
Zandsteen met graassporen – Zwerfsteen van Sinebjerg, Fünen (Dk.).
Zandsteen met Psammichnites – Zwerfsteen van Werpeloh (Dld.). De kruisende sporen zijn waarschijnlijk achter gelaten door een trilobiet.
Cruziana – Zwerfsteen van Horne Naes, Fünen (Dk.). Kruipspoor van een trilobiet in Midden-Cambrische tessinizandsteen.. Deze fossielen noemt men ook wel ‘bilobieten’.
Zandsteen met Plagiogmus – Zwerfsteen van Sinebjerg, Fünen (Dk.). Hiervan is de maker niet bekend.
Zandsteen met Xenusion auerswaldae – Zwerfsteen van Sellingerbeetse (Gr.). Het streepjespatroon links markeert een paar pootindrukken van een fluweelworm (Onichopora). Xenusion is waarschijnlijk van Laat-Precambrische ouderdom.
Hyolithenzandsteen – Zwerfsteen van Ees (Dr.). Hyolithen met hun taps toelopende schelpen waren vermoedelijk mollusken. Ze maakten in het Cambrium een bloetijd door.
Arctuatichnis – Zwerfsteen van Gaarkeuken (Gr.). De maker van dit spoor is onbekend. De vaag zichtbare segmentatie zou kunnen wijzen op achtergelaten uitwerpselen van een die dat in het zeebodemsediment gangen groef..
Buizenzandsteen (Skolithos linearis) – Zwerfsteen van Norg (Dr.). De foto toont het bovenaanzicht van de woonbuizen.
Buizenzandsteen (Skolithos linearis) – Zwerfsteen van Norg (Dr.). De foto toont de woonbuizen in de lengterichting.
Kalmarsund buizenzandsteen – Zwerfsteen van Werpeloh (Dld.).
Kalmarsund buizenzandsteen – Zwerfsteen van Werpeloh (Dld.)
Kalmarsund buizenzandsteen – Zwerfsteen van Horne Naes, Fünen (Dk.)
Kalmarsund buizenzandsteen – Zwerfsteen van Horne Naes, Fünen (Dk.).
Planolites – Zwerfsteen van het Hoge Veld, Norg (Dr.).
Planolites – Zwerfsteen van Het Hoge Veld, Norg (Dr.).
Monocraterion – Zwerfsteen van Groningen
Monocraterion – Zwerfsteen van Groningen.
Monocraterion, zijaanzicht – Zwerfsteen van Getelo (Ov.).
Monocraterion, gepolijste doorsnede – Zwerfsteen van Damsdorf (Dld.)
Monocraterion, zijaanzicht – Zwerfsteen van Dibbersen (Dld.).
Monocraterion, zijaanzicht – Zwerfsteen van Werpeloh (Dld.).
Diplocraterion, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Neuenkirchen (Dld.).
Diplocraterion, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Horne Naes, Fünen (Dk.).
Balkazandsteen met Diplocraterion, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Borger (Dr.).
Balkazandsteen met Diplocraterion, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Borger (Dr.).
Diplocraterion, zijaanzicht – Zwerfsteen van Gaarkeuken (Gr.).
Diplocraterion, zijaanzicht – Zwerfsteen van Werpeloh (Dld.).
Balkazandsteen met Diplocraterion, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Norg (Dr.).
Kegelzandsteen, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Borger (Dr.).
Kegelzandsteen, zijaanzicht – Zwerfsteen van Borger (Dr.).
Kegelzandsteen, gepolijst zaagvlak – Zwerfsteen van Norg (Dr.).
Kokerzandsteen, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Govelin (Dld.).
Kokerzandsteen, bovenaanzicht – Zwerfsteen van Borger (Dr.).
Kokerzandsteen, zijaanzicht – Zwerfsteen van Govelin (Dld.).
Vorig artikelNieuwe aanwinsten ijstijddieren
Volgend artikelDe Goeiedag Haandrikman!-zomertoer met Bert Haandrikman in Drenthe 
Harry Huisman is conservator geologie in het Hunebedcentrum.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.