Filitosa op het eiland Corsica – op een postzegel

0
59

Filitosa is een archeologische vindplaats in de gemeente Sollacaro in het zuiden van het eiland Corsica. Deze Unesco site was bewoond van het einde van het neolithicum tot de Romeinse tijd. Het is de enige plek op het eiland waar megalithische menhir standbeelden en Torreaanse torens samen voorkomen.

Vanaf 1600 v.Chr. deed een nieuwe beschaving [het Torreaanse tijdperk: van 1600 tot 800 v. Chr.] haar intrede in het zuiden van Corsica. Er is nog steeds veel onduidelijk over deze Torreanen.  

Zij danken hun naam aan de ronde verdedigingstorens die zij op verschillende plekken oprichtten.

In 1986 verscheen in Frankrijk een postzegel met daarop een afbeelding van dit fraaie complex.

De megalithische beschaving die vanaf omstreeks 3500 v.Chr. op Corsica voorkwam, kenmerkte zich onder meer door de menhirs die opgericht werden bij graven. Deze monolieten waren eeuwenlang onbewerkte stenen van 2 tot 3 meter hoog. Rond 1800 v.Chr. begon hier verandering in te komen, toen de menhirs menselijke vormen gingen aannemen. Aanvankelijk waren de menselijke trekken nauwelijks te onderscheiden, maar enkele eeuwen later waren de gezichten duidelijk gevormd en werden ook wapens gebeeldhouwd. Rond Filitosa zijn zo’n twintig van deze menhir-standbeelden gevonden. In Filitosa zijn kapotgeslagen menhir-standbeelden als bouwmateriaal voor de daar aanwezige torens gebruikt.

Het oppidum [een oppidum is een hoger gelegen plaats waarvan de natuurlijke verdediging versterkt is door de mens in de periode van de Kelten] van Filitosa is gebouwd op een ovale heuvel en wordt omringd door een cyclopische ringmuur [cyclopische muren zijn dubbele muren gemaakt uit enorme onregelmatige stenen blokken]. Binnen deze muren bevinden zich drie grote bouwwerken: het oostelijke, centrale en westelijke monument. Deze bouwwerken bestaan voor een deel uit natuurlijke rotsen. In het centrale monument, dat waarschijnlijk een religieuze functie vervulde, zijn 32 brokstukken van menhirs gevonden, waaronder zes bovenstukken met gezicht.

In 1946 ontdekte Charles-Antoine Cesari archeologische resten op zijn land in het dal van de rivier Taravo. De Britse schrijfster Dorothy Carrington bracht deze ontdekkingen onder de aandacht van archeologen. Acht jaar later – in 1954 – begonnen, onder leiding van Roger Grosjean, de eerste systematische opgravingen.

De opgravingen zijn te verdelen in een aantal verschillende fases. Het centrale monument met 32 menhirs is hiervan het meest interessante deel. Op sommige van de blootgelegde menhirs zijn de vormen van uitgebeitelde gezichten, zwaarden en helmen te zien. Verspreid over het terrein staan ook een aantal losse menhirs. Allemaal stammen ze uit het megalithische tijdperk. Ook werden er pijlpunten en aardewerk uit de vroegste bewoning, zo’n 3.300 jaar voor Christus, gevonden.

Door deze opgravingen zijn er sporen gevonden uit drie verschillende tijdperken: namelijk de nieuwe steentijd (6000 tot 3500 voor Christus), het megalithische tijdperk (3500 tot 1600 voor Christus) en het Torreaanse tijdperk (1600 tot 800 voor Christus). Veel is er niet bekend over het leven in die tijd en de geschiedenis. Wel vermoeden historici dat de Torreanen van buiten het eiland kwamen en de reeds aanwezige megalithische beschaving verdrongen. In Filitosa zijn hiervoor aanleidingen gevonden.

Denk aan de beroemde beelden op Paaseiland, en je krijgt een idee van wat je kunt verwachten als je de fascinerende megalithische site van Filitosa op Corsica bezoekt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.