Canna’s en The Thigh Stone; helende stenen die zelf bewegen

0
95

Van de stenen in Wales waarmee oude ideeën over occulte macht zijn verbonden, is er één in Carmarthenshire waarschijnlijk uniek in zijn soort. De steen heet Canna’s Stone of Canna’s stenen stoel en de steen ligt in een veld grenzend aan de oude kerk van Llangan. De kerk werd gesticht door een Armoricaanse dame van rang genaamd Canna, zij was een heilige. 

De steen werd gebruikt in verband met een magische bron genaamd Ffynon Canna, die nu net als de kerk verlaten is. Er was ook een put onder de kerk genaamd Ffynnon Canna. De ruwe steen, die een soort stoel vormt, ligt in een veld grenzend aan het kerkhof (ongeveer dertig of veertig meter verderop). De steen is er nog maar voor de toevallige toeschouwer lijkt hij op elk ander verlaten blok steen, dat in de ring van bomen rond de kerk is verwerkt.

St Canna’s Church in Llangan

Het lijkt erop dat de belangrijkste kwalen die door de bron en de steen genezen worden, koorts en darmklachten zijn. De patiënt gooide eerst wat spelden in de put, een gangbare praktijk in veel andere delen van Wales waar nog steeds wordt aangenomen dat putten over bepaalde genezende eigenschappen beschikken. Daarna dronk de patient een bepaalde hoeveelheid water en baadde soms in de put, dat bad was niet altijd onderdeel van het ritueel. Daarna moest de patient op de steen gaan zitten. Als het lukte om op de stoel te slapen, zou de helende werking van het water verzekerd zijn. Het proces duurde enkele dagen, soms twee of drie weken. Er zijn meer verhalen over de genezende kracht van stenen en bronnen, zie bijvoorbeeld Heilige stenen en miraculeuze bronnen, De ingemetselde monoliet in de bedevaartskerk van Betenbrunn en De stenen godin bij het bronheiligdom Notre-Dame-de-la-Vie (Frankrijk).

Door het kerkgebouw naast de bron en steen te bouwen werd geprofiteerd van een plek die al als heilig werd beschouwd door de lokale bewoners voor het christendom werd omarmd. Het plaatsen van een kruis, kapel of kerk op of nabij een voorchristelijke cultusplek kwam veelvuldig voor, zie bijvoorbeeld De menhir naast de kerk van St Gwrthwl’s, La Gran’ Mère de Chimquiere, Guernsey, Gekerstende stenen in Nederland, Gekerstende stenen in Frankrijk, Gekerstende stenen en Gekerstende stenen in Frankrijk.

Gelegen nabij de westelijke muur van de St. Canna’s kerk in Llangan bevindt zich een kruisplaat met een schijfvormige kop (1,3 m hoog) die de kruisiging uitbeeldt, 9e-10e eeuw

In het midden van deze parochie ligt een veld genaamd Parc y Fonwent, of het kerkhofveld, waar volgens de plaatselijke traditie de kerk oorspronkelijk had moeten worden gebouwd. De stenen werden naar deze plaats gebracht, maar ’s nachts werden de stenen door onzichtbare handen verplaatst naar de plek waar de huidige kerk staat. 

Toeschouwers in het donker hoorden de goblins bezig met dit werk, en ze spraken in duidelijk en correct Welsh deze woorden uit: ‘Llangan, dyma’r fan‘, wat betekende: ‘Llangan, hier is de plek.’ Soortgelijke wonderbaarlijke verplaatsingen van stenen worden in andere delen van Wales verteld en geloofd. Soms voltooien (on)zichtbare goblins het werk; soms bezitten de stenen zelf de kracht van voortbeweging. 

De Britse historicus Nennius spreekt over een steen die ’s nachts door de vallei van Eiheinn loopt. Nadat hij ooit in de draaikolk Cerevus was gegooid, die midden in de zee ligt en Menai wordt genoemd, werd hij de volgende dag gevonden aan de kant van de bovengenoemde vallei. Deze steen ligt bij St Nidan’s Old Church en wordt The Thigh Stone genoemd. De steen wordt ook wel “homing stone” genoemd. Er werd gedacht dat de steen grote druppels water zweette wanneer een stel geslachtsgemeenschap had in de buurt, de vrouw zou dan zwanger worden. Deze steen wordt met vruchtbaarheid in verband gebracht, ook dit komt vaker voor (zie bijvoorbeeld Kinderstenen en Kindsteinen).

De Anglesey-steen wordt ook genoemd door Giraldus (Gerald van Wales, ca. 1146 – ca. 1223), een middeleeuwse geestelijke en kroniekschrijver. Door hem verwierf de steen bekendheid onder de naam Maen Morddwyd (de Dijsteen). Dit is ‘een steen die lijkt op een menselijke dij’ die de aangeboren eigenschap bezit dat hij, ongeacht de afstand die hij wordt gedragen, de volgende nacht vanzelf terugkeert naar de plek waar hij vandaan kwam. 

Hugh of Cyfeiliog (1147–1181), de graaf van Chester, hoorde tijdens de regering van koning Hendrik I van de wonderbaarlijke kracht van deze steen nadat hij dit eiland en het aangrenzende land met geweld had bezet.

Giraldus

In een rechtzaak werd bepaald dat de steen met sterke ijzeren kettingen aan een groter formaat steen moest worden vastgemaakt en in zee moest worden gegooid. De volgende ochtend werd de steen echter zoals gebruikelijk op zijn oorspronkelijke positie teruggevonden. Hierna liet de graaf een openbaar edict uitvaardigen dat niemand de steen van zijn plaats mocht halen. 

Gedurende de tijd dat Rowland de predikant van deze kerk was, tussen 1696 en 1723, werd de steen in de muur van het kerkhof ingebed. Mogelijk was dit een maatregel om te voorkomen dat hij afdwaalde. Stenen werden wel vaker vastgezet om te voorkomen dat ze zouden bewegen, een voorbeeld is De Duivelssteen in Utrecht. Ook kom je de stenen vaker verwerkt in kerk- of kerkhofmuren, zoals De ingemetselde veldkei in de kerktoren van Den Ham (Overijssel).

Ergens vóór het jaar 1723 meldde Rowland dat de steen was gestolen. Harry Longueville Jones gaf in 1846 een beschrijving van de kerk en merkte de ‘nogal merkwaardige’ positie van de kerk op in een ‘bijna cirkelvormige omheining’ met hoge bomen eromheen. In het kerkportaal bevindt zich een wijwatervat. Er wordt gezegd dat dit op wonderbaarlijke wijze altijd vol water is, ook al is er geen duidelijke bron en niemand om het te vullen. Het doet denken aan de Dijsteen die grote druppels water zweette. De aanwezigheid van water wordt over meer stenen verteld, zie bijvoorbeeld Een enorme voetafdruk in steen, Die Alte Taufe in Nedersaksen (Duitsland) en Verhalen over offerstenen.

Marinda Ruiter

John Skinner’s tekening van de oude kerk van St. Nidan, Llanidan, uit 1802

Bronnen

https://www.gutenberg.org/files/34704/34704-h/34704-h.htm#pg362

https://coflein.gov.uk/en/site/304241/

John Skinner’s tekening van de kerk uit 1802 – By John Skinner – https://archive.org/stream/tendaystourthrou00skin#page/28/mode/1up/, Public Domain, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=16912764

https://www.themodernantiquarian.com/post/127872/folklore/maen_morddwyd.html

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.