woensdag, november 4, 2026
    Home Hunebedden Hunebed Zeijen (D5) op oude foto’s van het GIA

    Hunebed Zeijen (D5) op oude foto’s van het GIA

    0
    307
    D V – Het hunebed van Zeijen (D5), zoals Van Giffen dat in 1918 aantrof (foto 1918-0163, GIA).

    Van het kleine hunebed van Zeijen (D5) vermoedde men lange tijd dat het een zogeheten portaalgraf *) was. Echter, de poortstenen zijn nooit gevonden! Het zou kunnen dat de poortstenen direct al bij het afgraven van de dekheuvel in 1833 verwijderd zijn, of anders een paar jaar later in 1857 toen het een keienhandelaar om de kleine, handzame, vloerstenen van het hunebed ging. De provinciale bestuurder Lucas Oldenhuis Gratama, actief betrokken bij de bescherming van hunebedden, kocht het hunebed van Zeijen van de handelaar in datzelfde jaar 1857 voor 40 gulden en droeg het over aan de provincie Drenthe.

    Toen midden jaren ’70 van de 19e eeuw diezelfde Oldenhuis Gratama, als voorzitter van een internationaal landbouwkundig congres, vol trots vertelde over het ‘opknapwerk’ aan de Drentse hunebedden (gepresenteerd als ‘landschapsverbetering’(!)) gingen in Engeland alle alarmbellen af: niet alleen werden bij de ‘restauraties’ de dekheuvels doelbewust verwijderd (men dacht dat die het resultaat waren van ‘duinvorming’…), ook werden omgevallen of verkeerd liggende stenen zonder enig archeologische kennis weer rechtgezet of verplaatst. Uit angst dat het oorspronkelijke beeld van de prehistorische monumenten volledig verloren zou gaan besloot de Society of Antiquaries in Londen om in 1878 een noodexpeditie naar Drenthe te sturen die alle hunebedden nauwkeurig vast moest leggen op plattegronden en aquarellen. Het idee was om hiermee een wetenschappelijke basis te creëren vóórdat verdere restauraties de monumenten nog meer zouden aantasten. Het resultaat, de inventarisatie van 40 Drentse hunebedden door William Collings Lukis en Henry Dryden, werd binnen de Society gepresenteerd maar, uit geldgebrek, nooit in druk uitgegeven. Het materiaal bleef echter wel bewaard en werd uiteindelijk pas in 2015 gepubliceerd door de Drentse archeoloog Wijnand van der Sanden**). Enkele kleine vondsten, gedaan bij D5, zijn door Lukis en Dryden meegenomen en in de collectie van het British Museum beland.

    Bij zijn inventarisatie van 1918 trof Van Giffen hunebed D5 aan “in tamelijk goeden staat”: het complete raamwerk van 4 dekstenen, 8 draagstenen en 2 sluitstenen was nog aanwezig, min of meer op de originele positie. In 1952 werd D5 onder leiding van Van Giffen gerestaureerd. Hierbij werden de draagstenen gestabiliseerd, de dekstenen teruggeplaatst. In 1965 werd de al vermeldde, vergeefse, zoektocht ondernomen naar de poortstenen.

    Het hunebed van Zeijen ligt vlakbij Het Noordsche Veld: archeologisch een van de meest interessante gebieden van Drenthe. Het Noordsche Veld is een beschermd rijksmonument met veel grafheuvels, raatakkers en twee door palissaden en wallen omgeven stapelplaatsen uit de late ijzertijd / vroeg-Romeinse tijd. Vlakbij Het Noordsche Veld is in 2007 een uitzonderlijk rijke vindplaats van neanderthaler-artefacten ontdekt.

    D V – Het hunebed van Zeijen (D5), direct na de restauratie van 1952 (foto 1952-0186, GIA).
    Plattegrond van hunebed D5 (uit A.E. van Giffen, De hunebedden in Nederland, Utrecht 1925-1927
    Recente foto van het hunebed van Zeijen (foto Rob Wervelman).

    Voor meer informatie over D5 klik hier

    Het GIA (Groninger Instituut voor Archeologie) heeft in het najaar van 2024 veel oude foto’s van opgravingen digitaal ontsloten. Een ware schatkamer. In de database staan ook foto’s gemaakt door Van Giffen bij de inventarisatie en de restauratie van hunebed D5 bij Zeijen uit 1918 en 1952, respectievelijk.

    De historische foto’s bij dit artikel zijn te vinden via https://dbc.rug.nl/digital/collection/GIA-fotos. Als u hier de zoektermen zeijen en hunebed intikt vindt u onder meer de getoonde foto’s.

    *) ‘Portaalgraf’ is de verouderde classificatie van een graf met een ingang, in het midden van de lange zuidzijde, gemaakt van één setje van drie poortstenen: twee poortdraagstenen met daarop een poortdeksteen. Omdat veel poortstenen (deels) zijn verdwenen, en sommige hunebedden dus wellicht onterecht als portaalgraf aangemerkt zijn, beschouwt men tegenwoordig hunebedden die men voorheen als portaalgraf classificeerde nu als lid van de meer algemene categorie van de ganggraven.

    **) Wijnand van der Sanden, In het spoor van Lukis en Dryden; Twee Engelse oudheidkundigen tekenen Drentse hunebedden in 1878 (2015).

    LAAT EEN REACTIE ACHTER

    Vul alstublieft uw commentaar in!
    Vul hier uw naam in

    Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.