Oude technieken krijgen nieuw leven in het Oertijdpark
Hoe maakten mensen in de prehistorie van een dierenhuid een bruikbaar stuk leer? En wist je dat ook de huid van vissen kan worden gelooid en verwerkt? De OERmakers van het Hunebedcentrum gingen er tijdens een speciale workshop zelf mee aan de slag. De kennis die zij hierbij opdoen, wordt straks toegepast in het Oertijdpark.
De OERmakers zijn een nieuwe groep vrijwilligers die in 2026 is gestart als onderdeel van het project Regio Deal Zuid- en Oost-Drenthe II – Verhalen van het Landschap. De groep bestaat inmiddels uit meer dan twintig deelnemers die zich gezamenlijk inzetten voor het verder ontwikkelen van het Oertijdpark. Zij bouwen en restaureren prehistorische gebouwen, maken gebruiksvoorwerpen en werken aan de inrichting van de boerderijen. Daarnaast verdiepen zij zich door middel van workshops en cursussen in oude technieken en ambachten.

Van dierenhuid naar bruikbaar materiaal
Tijdens de workshop van vandaag staat het looien van leer en vissenhuid centraal. Dierenhuiden waren in de prehistorie een belangrijke grondstof. Ze konden worden verwerkt tot onder andere kleding, tassen, riemen, schoenen en allerlei gebruiksvoorwerpen. Ook vissenhuid kan na bewerking veranderen in een verrassend sterk en bruikbaar materiaal.
Het looien is een arbeidsintensief proces. Een huid moet worden schoongemaakt en vervolgens op de juiste manier worden behandeld om te voorkomen dat deze gaat rotten en om haar soepel en duurzaam te maken. Voor de OERmakers is het vooral belangrijk om het proces zelf te ervaren. Door een techniek daadwerkelijk uit te voeren, wordt duidelijk hoeveel tijd, kennis en vakmanschap nodig zijn om van een natuurlijke grondstof een bruikbaar materiaal te maken.

De opgedane kennis wordt direct gebruikt
De workshop is niet alleen bedoeld om kennis te maken met een oud ambacht. Het leer en de vissenhuiden die tijdens en na de workshop worden verwerkt, krijgen uiteindelijk een bestemming in het Oertijdpark. Er kunnen voorwerpen van worden gemaakt voor de inrichting van de prehistorische boerderijen. Ook kan het materiaal worden gebruikt voor kleding en attributen die vrijwilligers dragen tijdens activiteiten en evenementen voor bezoekers.
Zo ontstaat een directe verbinding tussen leren, maken en presenteren. De vrijwilligers doen kennis op, passen die zelf toe en dragen deze vervolgens weer over aan bezoekers.

Inwoners werken mee aan het verhaal
De OERmakers laten goed zien wat we met het project Verhalen van het Landschap willen bereiken. Het verhaal van het Drentse erfgoed wordt niet alleen vóór inwoners gemaakt, maar ook samen mét inwoners.
Vrijwilligers krijgen de mogelijkheid om zich te verdiepen in archeologie, oude ambachten en experimentele archeologie. De opgedane kennis blijft vervolgens binnen de groep aanwezig en kan worden doorgegeven aan nieuwe vrijwilligers en bezoekers. Daarmee ontstaat een gemeenschap van mensen die zich actief inzet voor het behouden, maken en vertellen van de verhalen van het Drentse landschap.

Een blijvend resultaat
De activiteiten van de OERmakers zijn bovendien nadrukkelijk gericht op de langere termijn. De groep blijft ook na afloop van de Regio Deal betrokken bij het Oertijdpark. De gebouwen die zij maken en restaureren, de voorwerpen die zij vervaardigen en de vaardigheden die zij leren, blijven onderdeel van de publieksbeleving van het Hunebedcentrum.

Een workshop zoals het looien van leer en vissenhuid levert daarmee veel meer op dan alleen een leerzame dag. De kennis wordt doorgegeven, de gemaakte materialen worden daadwerkelijk gebruikt en de vrijwilligers kunnen de technieken tijdens publieksdagen demonstreren.
Op die manier helpt de Regio Deal Zuid- en Oost-Drenthe II om kennis over het verleden opnieuw tot leven te brengen én duurzaam te verankeren in het Oertijdpark. Dankzij de inzet van de OERmakers kunnen bezoekers straks niet alleen zien hoe mensen in de prehistorie leefden, maar ook ervaren hoeveel kennis en vakmanschap daarvoor nodig waren.

Dit initiatief is mede mogelijk gemaakt door de Regio Deal Zuid- en Oost-Drenthe II.












